vrijdag 27 juni 2008

Steeds meer blues omtrent zijn identiteit

Omdat er in Leuven nog minder te beleven valt dan in Limburg ben ik gisteren naar Brussel getrokken voor een shot cultuur. Omdat het niet altijd duivelse junglemuziek moet zijn, kozen Pony en ik voor een literaire avond te Passa Porta.
Te gast was de Nederlandse Gentenaar en kersverse Gouden Uil Marc Reugebrink. Hij begon en eindigde met een passage uit zijn kip met het gouden ei Het Grote Uitstel. Daartussen werd hij geïnterviewd door Luc Janssen. Aangeraakte topics: schuilkelders, Reugebrinks verleden bij een harmonie, fun versus serieux in literatuur en muziek en Berlijn als een samenvatting van de jaren tachtig.
Reugebrink outte zich als hardcorefan van klassieke muziek en bezwoer ons dat er met poëzie geen brood te kopen valt. Ik zal het vanmiddag eens testen. Toen hij daarenboven anecdotes bovenhaalde over zijn tijd in de lerarenopleiding was there like totally a connection.
Tussen dit alles heen mocht niemand minder dan Zaki muziekskes opzetten via het medium iTunes, dat hij zonet ontdekt had als een ware Viking. Van Lenny Cohen over Einstürzende Neubauten tot de onvermijdelijke King (Love Me Tender als begeleiding bij een Elvisgedicht van Reugebrink): Zaki wist er wel raad mee.
Ja, dat was me het avondje wel.

Labels: ,

donderdag 19 juni 2008

Frederik barbecuerossa & spice girls aloud

Tommetje Waits speelde gisteren in Phoenix, Arizona als een wielrenner met de zelfde voornaam op coke. Om de pijn van het gemis te stelpen, ben ik met Avonturier Bert naar De Woensdagen van Braakland/Zhebuilding gekuierd in Leuven, Vlaams-Brabant. Alzo vond u ons terug in de molens van Orshoven, een skelet van artistieke technologie aan de rand van een rustiek spermaweilandje.
John Torso verwelkomde ons met goedgemutste improvisatie die nog te beluisteren viel. Drie notenneukers met een techneut als vierde wiel aan de trojka. Easy listening voor vetkiekens, dixieland voor Hutu's en/of Tutsi's. Geef hen in het vervolg een aflevering van F.C. De Kampioenen om te begeleiden en alles komt in orde.
Vervolgens de zolder op alwaar Gerrit Valckenaers zich geïnstalleerd had. Hij combineerde instrumenten met samples met stenen met huis-, tuin- en keukengerei tot repetitieve waanzin. Tango voor gedementeerden, electronica voor geliefden, blues voor the Governator. Ideale muziek om een zolder bij te inspecteren.
Terug de trap af voor the Rudy Trouvé Septet. Die hadden een kruising tussen trash en bossa nova bij. Denk gerust aan Nouvelle Vague na one too many duvels. Hoogtepunt was Three Blocks Away: een manische meezinger met een autistische gitaarsolo van der Rudy zelf. Als lekker kantelpunt in het midden legde meneer Trouvé twee improvisatieopdrachten van elk een halve minuut op aan zijn begeleiders: caféblues versus avant-garde en cool jazz versus krautrock. Zien was geloven. Kortom het septet bezorgde ons een uiterst aangenaam feest van angst en pijn en optimisme.
De Revolutie is niets voor timide mensen. Als we slechts één ding hebben geleerd gisteren dan is het dat wel. De aarde is vannacht al schreeuwend gestorven. Heel deze shit is too obscure too print.
Weet uw moeder dat gij dit leest?

Labels: ,

donderdag 12 juni 2008

Sludge hammer

Om hun naam zo weinig mogelijk oneer aan te doen ben ik gisteren met GW naar De Woensdagen van Braakland/Zhebuilding getrokken. Alzo vond u ons terug in de molens van Orshoven, mijn favoriete stukje Leuvens industrial wasteland. En wasted zijn we wel geworden. Like a patient etherised upon a table.
Teuk Henri deed de deur open met ettelijke lappen akoestisch gitaargefröbel. Attributen bestonden uit meerdere pedalen, stemvorken en ventilatoren. Het derde lapje muziek vond ik het beste maar bij de vierde gingen GW en ik reeds buiten zitten. Als ik ooit mijn zombiewestern anno Leuven Vlaams draai, mag Teuk Henry de soundtrack verzorgen. Als the Sadies niet kunnen tenminste. Of teveel geld vragen.
Daarna kwam een stiekem spoken word-intermezzo van een hombre die Van Aken of Vanperre noemde of heette. Geruggesteund door het Requiem van Mozart bracht hij Een Gedicht. En wel Een Gedicht dat ging over kaas en wijn en wanorde en een doorboord beertje. Een Gedicht over Het Leven Zelve.
De hoofdbrok was Pawlowski, also known as het ultieme project van Mauro "God" Pawlowski. Cast: God zelf op vocals en een trompetje / een stonerafro op bas / Elko Blijweert op gitaar in een Fantômas-t-shirt dat leek op een Pink Floyd-t-shirt / de drummer van I love Sarah in een Chiro-t-shirt dat leek op een Hitlerjugend-t-shirt / een Mauro-look-alike op electronica en gitaar / Pascal Deweze op electronica, percussie, speelgoedtrompetje en gitaar.
Het gezelschap klonk als een typisch jaren tachtig youth crew-bandje met Captain Beefheart als leiddraad bij menige grondig verkeerd gelopen acid flashback in de discotheek van de laatste kans. Het gezelschap klonk als een doolhof dat zich aan hiphop waagt. Als een improviserende weerwolf uit de p-funkstal tijdens de koudste nacht van het jaar. Onvervalste electro-shock blues voor de hippe jongeren van de dag van vandaag.
Tijdens een Sun Ra-cover vermomde Mauro zich als wereldkaart en verdween hij. GW headbangde zich te pletter. Ik wilde zijn voorbeeld volgen maar met mijn pas geknipt haar was dat geen zicht. Ik herhaal: geen zicht. Mauro blijft de baard der baarden, ook al begin er grijs in te schemeren. Waarom probeert Sting nog? Wie heeft er de Evil Superstars nodig wanneer hij naar Pawlowski kan luisteren? Wie heeft er oordopjes nodig wanneer hij met piepende hersenen kan gaan slapen en wakker wordt met een katertje?

Labels: , ,

dinsdag 10 juni 2008

Let's go on a double date with roman polanski & sharon tate

Hooggeëerd publiek,
Staat u mij toe te citeren uit eigen werk? Ik zweer op mijn eer als vegetariër dat ik er geen gewoonte van zal maken. September vorig jaar vloeide uit mijn klavier naar aanleiding van de Rewind van Royalty In Exile:
Guy Swinnen onthaalde het publiek overigens met de woorden: "welkom op ons laatste optreden". Daar ga ik je aan houden, Guy. Dus als ik merk dat the Scabs volgende zomer toch op Werchter Classic of de Gentse dan wel de Lokerse Feesten staan, ga je tegen de muur.
Soms is het niet leuk om gelijk te krijgen. Toen het nieuws kwam dat the Scabs voor de Classic-variant een derde maal de heilige wei van Werchter zouden betreden, kon ik inwendig koken. Gelukkig beschik ik over meer zelfbeheersing dan prinses Astrid. Daarenboven waren ook the Stooges aangekondigd. En the Police. Maar fascist cops laten mij koud.
En alzo vertrokken Pony en ik zaterdagmiddag goed uitgerust naar Werchter. Goed uitgerust als in uitgeslapen maar ook als in tomaten voor Milow, een sniper rifle voor Guy Swinnen, een natje en een droogje. De security heeft mijn wapen geconfisceerd en de tomaten zijn uiteindelijk niet tot in Milow zijn smoel geraakt. Maar dat heeft de dag niet bepaald verpest. Hans Otten is daar bijna in geslaagd als presentator met het slechtste verkoopspraatje alle tijden.
Milow begon met een solo You Don't Know dat meteen werd meegezongen door alle schapen op de wei. Toen zijn band erbij kwam, ontplooide de epische meligheid van zijn crappy metapoprock zich volledig. Ergens werd een flardje Brown Eyed Girl binnengesmokkeld.

Milow wil de nieuwe Bruce Springsteen zijn maar eindigt ergens als een tweedehandse Gert Bettens. En de oude is nog niet versleten! Er werd besloten met een cover van Ayo Technology van 50 Cent, Justin Timberlake en Timbaland. Was nog half grappig. Conclusie: Milow steunt Barack Obama en de Internationale Joodse Samenzwering.
Na nog een intermezzo van Hans Otten begon het vermoeden te rijpen dat sponsor VT4 gewoon van hem af wilde zijn. Juanes dan maar. Een Colombiaan te Werchter: alleen al voor zoiets zou een mens antiglobalist worden. Dit was het muzikale equivalent van een Hollywoods cocaïnefeestje. Had Pablo Escobar nog geleefd, het was geen waar geweest.

Juanes had een rugzak vol minder catchy doorslagjes van La Camisa Negra bij. Gladder dan een met vaseline ingesmeerde Gabriel Rios die het logo van Q-Music op zijn bast heeft laten tatoeëren. Een paar melige ballads en een halvegare reggaeoefening vulden de rest van de set. Ik moest een paar keer aan Shaggy denken maar als ik het me goed herinner had die nog gevoel voor humor.
Na al die crap was ik als gewaardeerd popkenner serieus toe aan shot quality music. The Scabs beantwoordden piekfijn aan die behoefte. Maar goed dat ik geen hit heb uitgevoerd op Guy Swinnen. Ze begonnen een beetje mak maar vanaf You Don't Need A Woman waren we definitief vertrokken.

Een half uur later volgde een drietal rustpuntjes maar vanaf Hard Times werd er weer volle bak gas gegeven. Het eerste pitje van de dag verscheen bij Matchbox Car. Een verpletterende finale besloot met een uitgesponnen Robbin' The Liquor Store en bis Rockin' In The Free World.
If only the strong will survive, dan mogen the Scabs daar gerust bij zijn. Ze beloofden ons zonneschijn en dat alles in orde zou komen maar het regende toch een beetje. The Scabs hebben de norm gesteld voor best of-optredens.
Hans Otten is full of shit maar over één ding had hij gelijk: zoals de Scabs worden ze niet meer gemaakt. Het wordt trouwens hoog tijd dat Willy Willy zijn eigen Louis Vuton-reclame krijgt. Patrick Riguelle loopt nog steeds met krukken.
The Stooges deden grofweg hetzelfde als op Pukkelpop, zij het ietsje langer. Iggy Pop blijft de sjamaan van een illegale, giftige godsdienst. Een gewelddadige mix tussen een schaduwbokser en een schoorsteenveger. I do feel it when he touches me inside. Mike Watt had er duidelijk goesting in maar het blijft me verbazen hoe hij de oudste van het stel lijkt al is hij minstends acht jaar jonger dan de rest.

Dat the Stooges Search And Destroy speelden is evenwel een zwaktebod. Wat destijds begon als een unieke reünie is goed op weg de ultieme oldiesact te worden. Die gedachte maakt me bang. Wedden dat ze bij hun volgende passage ook nummers van Iggy solo gaan spelen? Los daarvan heb ik de hagedissenkoning even kunnen aanraken. Hij voelde aan als een rottende kipfilet.

Woop, woop, that's the sound of the Police. Sting: all he's got is blondeness maar tegenwoordig is hij ook een baardaap. Drummer Stewart Copeland twijfelde tussen Andy Dick, het gekkenhuis en Spinal Tap. Ik bedoel maar: die witte handschoentjes! Gitarist Andy Summers is een man tegelijk grumpy old en angry young.

Van Message In A Bottle tot Next To You had dit alle kenmerken van een greatest hitsshow. En toch was ik niet onder de indruk. De heren speelden om ter hardst en snelst tegen elkaar op maar vooral langs elkaar door. Ik vermoed dat Juanes plenty paranoïde coke uit zijn vaderland had verspreid over de backstage.

En dat is er nog dat eeuwige reggaegedoe: muziek voor zoeloes en andere apen. Al vind ik Every Little Thing She Does Is Magic wel een leuk liedje. Om niet onder te doen voor Milows Ayo Technology coverde the Police I’ll Be Missing You van Puff Daddy, Faith Evans en 112. Hiphop is immers een hip muziekgenre. Ze hadden de tekst wel lichtelijk veranderd met wisselvallig resultaat.

Mozeskriebel, het was een mooie dag voor de oudere jongeren van de natie. Ik krijg hier net te horen dat the Scabs ook zullen aantreden op Suikerrock en de Lokerse Feesten. Soms is het niet leuk om gelijk te krijgen.
Prettige dag verder.

Labels: , , ,

donderdag 5 juni 2008

Het mannetje op de man voor hij zijn snor verloor

William Wyler gebruikte in Ben Hur achtduizend figuranten voor de wagenrenscène alleen. Peter Jackson liet voor zijn Lord Of The Rings-trilogie alle massa’s door de computer creëren. De Vlaamse Radio- en Televisieomroep gebruikt zijn computers enkel om patience te spelen. Alzo kwam het dat ik de voorbije twee dagen figurant mocht spelen. Click-ID is een reeks die u ergens in 2009 het Ketnetscherm zal teisteren. Qua opzet denkt u maar aan W817 met vier Leuvense studenten. Good golly, miss Molly!
Dinsdag
07u20. Ik arriveer op de koer van 't Stuk. Ik word doorverwezen naar de tafel met spijs en drank en krijg twee drankbonnetjes voor ’s middags. We zijn met een kleine dertig man.
07u45. We mogen plaatsnemen in het auditorium. Er was op voorhand gevraagd grijze kledij aan te doen. Er blijken enorm diverse definities van grijs de ronde te doen. Ik leg mijn cursus Algemene & Historische Pedagogiek open. Wie geen cursus bijheeft kan er een scoren bij de crew. Een kerel met lang grijs haar en zijn bril aan een koortje moet een prof voorstellen. Voor me tekent een meisje jurken in een duur uitziend boek. Op het bord is een driehoek getekend met onleesbare woorden bij. Zal wel wiskunde zijn. Een figurant krijgt een antwoord ingefluisterd dat ze zal mogen debiteren als de prof een vraag stelt.
08u00. Een van de woorden op het bord blijkt “God” te zijn. Ach ja, zelfs Pythagoras heeft een religie geschnitzeld gebaseerd op rekenen en tellen. De prof heeft een boekentas gekregen en een laptop maar geen beamer. Wie gelooft die mensen nog? Bij de tweede take moeten er meer vingers omhoog als de prof zijn vraag stelt. Het klapbordje wordt in vaktermen De Klop genoemd.
09u00. Een kartonnen beker verrassend degelijke koffie en drie croissants waarvan een met rozijnen. Het ontbijt is de belangrijkste something something van de dag.
09u15. Terug de aula in. Deze keer staat er op het bord gekalkt: “U weet toch ook dat het steeds maar een paar ministers zijn die het beleid bepalen.” Een stelling die wordt toegeschreven aan Gaston Eyskens. Ik mag van plaats veranderen: meer naar voren. Met een beter zicht op de ventilator die om de een of andere reden rook verspreidt. In deze scène stormt het personage Ayco (kan fout geschreven zijn) een les binnen om volk te ronselen voor een optreden in het stadspark. Deze profacteur heeft korter haar, is minder kaal en draagt een das. Een van de crewleden lijkt op Tom Waits maar hij draagt een spuuglelijk mosgroen t-shirt.
09u45. Ayco laat zich voor het eerst zien. Picture Alice In Onderland die zingt bij Within Temptation. Picture plateauzolen en een opzichtige tiettatoe. Iemand laat vallen dat het vak sociologie moet voorstellen. Last minute moet ik terug van plaats veranderen. De scène wordt gerepeteerd. De Aycoactrice laat acteren heel gemakkelijk lijken. Ik denk dat de profacteur heel hard heeft moeten werken om zo te sucken. Iemand komt briefen dat de figuranten te braaf zijn: echte studenten zijn veel losser.
10u00. Opname. De eerste take is een blooper: Ayco krijgt de deur niet open. De tweede take is goed. En dan dezelfde scène vanuit een vijftal andere camerastandpunten.
11u30. Middagpauze in het Stukcafé. Broodjes smos en kip curry met koffie. Ik doorblader een paar kranten.
13u10. Stadpark, alwaar het vermelde concert moet plaatsvinden. Technische problemen zorgen echter voor een uur uitstel. Ik zet me neer en schrijf poëzie. Slechte, of wat had u gedacht?
14u45. Problemen zijn opgelost. Jef, gespeeld door Jenne Decleir, is het coole personage en zal dus optreden. Ik zie vooral een Big Nasty J.-lookalike die op weinig subtiele manier een heel erg slechte progrockparodie uit zijn gitaar shredt. Naturel in het publiek staan blijkt heel moeilijk te zijn? De zon doet ook lastig. Het weer heeft het ook nooit gemakkelijk in België. Ik headbang me te pletter en krijg daar achteraf goede opmerkingen over. Verder krijgen we bekertjes bier uitgedeeld. Niemand drinkt ervan. Van lauwe pils zonder schuim ga je dood, dat is algemeen geweten.
16u00. Voorbij.
Woensdag
08u00. Aula Max Weber. Vandaag is ’t examen, zeggen ze. Lap, dat ontbrak er nog aan.
08u45. Ik sta aan de ingang met mijn rug naar de camera terwijl Jef en een derde hoofdpersonage (vrouwelijk) hun spiektechniek op punt stellen. Ik sta daar ondermeer om een asbak aan het zicht te ontrekken. Bij de derde take mag ik mee naar binnen.
09u00. Koffie, een croissant en een krentenkoek. Het ontbijt is de belangrijkste something something van de dag. Ik brand mijn hand aan de koffiebeker.
10u15. Een van de crewleden lijkt op Flip Kowlier maar dan met haar. Hij draagt een polo van de VRT.
10u20. Terwijl de acteurs de aula verlaten naar het examen, mag ik iemand tegenkomen en hem voorstellen een pintje te gaan drinken. In stilte natuurlijk. Ik geef hem zelfs een hand.
11u55. De rode aula aan de computerlokalen in de Dekenstraat verkeert in een zeer mistige toestand. Ik mag langs een acteur gaan zitten. Ik voel mijn marktwaarde stijgen.
12u30. Jenne zingt in zichzelf Is She Really Going Out With Him van Joe Jackson.
13u00. Een knappe, vrouwelijke prof met een rokje tot boven de knieën maakt haar opwachting. Het leven zoals het niet is: de Katholieke Universiteit Leuven. Het is Merel uit Buiten De Zone maar niemand herkent haar tot ze begint te praten.
13u45. Lunch.
14u40. Herbeginnen.
15u05. Pauze. Ik heb nog niets gedaan.
15u25. Het binnenkomen van de studenten wordt gefilmd.
15u45. Het binnenkomen van de prof wordt gefilmd. Ik besef dat ik vorig jaar examen heb afgelegd in deze aula. Ik voel me heel wat meer method actor. Een acteur leent mijn pen. Hij zal hem vijftig keer laten vallen. Ik wil hem al niet meer terug.
16u20. Pauze
16u35. Na een paar korte overzichtshots is het gedaan.
Analyse
Ik heb tussendoor veel tijd gehad om te lezen. Ik heb een paar zeer interesse dingen geleerd over het opnameproces. Ik heb enige pecunia verdiend. Ik heb die pecunia integraal aan het goede doel geschonken. Als je tenminste de JJ Records als een goed doel beschouwt. Ik ben niet ontevreden.
Wat ons bij de laatste vraag brengt: wie voelt zich in godsnaam geroepen om te figureren? Op de eerste plaats beardo’s en weirdo’s. Ik heb zelden zo een mooie collectie konijnentanden, lodderogen en onfortuinlijk geplaatste piercings bij elkaar gezien. Verder zijn er gemankeerde actrices, te herkennen aan de manier waarop ze constant socialisen met crewleden. Tel daar de nodige nieuwsgierigen bij inclusief moi, een bag lady in spé en ook een zwangere chick. Niemand weet waarom.

Labels: , ,

dinsdag 3 juni 2008

Geert s. simonis ain't gonna play sun city

Kijkgedrag afgelopen mei:
  1. In Bruges (2008) van Martin McDonagh
  2. Sam Dillemans - De Waanzin Van Het Detail (2007) van Luc Lemaître
  3. The King Of Kong (2007) van Seth Gordon
  4. Lotuk (2008) van John Roan & Hendrik Willemyns
  5. Chicago 10 (2007) van Brett Morgen
  6. Seizoen 6 (2006-2007) van The Sopranos
  7. The Night Of The Hunter (1955) van Charles Laughton
  8. Die Fälscher (2007) van Stefan Ruzowitzky
  9. π (1998) van Darren Aronofsky
  10. The Lookout (2007) van Scott Frank
  11. Dog Day Afternoon (1975) van Sidney Lumet
  12. Slumming (2006) van Michael Glawogger (Aanradertje!)
  13. The Killing (1956) van Stanley Kubrick
  14. Fight Club (1999) van David Fincher

Ik heb ze genummerd, dat maakt de nabespreking makkelijker. Numero uno heb ik geschnitzeld op een uiterst corrupte Kinepolisfilmquiz. Nooit zet ik nog een voet binnen bij Kinepolis. Twee tot en met vijf heb ik geschnitzeld op Docville. Als ik dit academiejaar nog één keer het werkwoord "schnitzelen" gebruik, word ik vegetariër. Verder heb ik ook nog wat gelezen op de bus afgelopen mei:

  • Tekort (2007) van Adrian Tomine
  • Van Muizen En Mensen (1937) van John Steinbeck

Labels: ,