maandag 29 september 2008

Five funky nazis

Ellen zat in Amsterdam. Daarom kon ze zaterdag niet mee naar the Wombats in 't Depot. Daarom was Pony! van de partij. Zij zat voor de verandering niet in Amsterdam. Het kosmische karma zat snor.
Kitchen Knife Wife uit Australië mocht het jonge volkje opwarmen. Vier olijke jongens met een rugzakje schichtige pop & roll-nummers, die als een jonge Bambi over het ijs dartelden en occasioneel op hun bek gingen maar steeds terug recht krabbelden. Gitaar, bas en toetsen mochten om de beurt het hoge woord voeren terwijl de drums peper op hun gat strooiden. Er mocht al eens van instrument gewisseld worden. Niet slecht, lang niet slecht.
Toen Ferry Cross The Mersey van Gerry & the Pacemakers door de boxen gierde, had ik in de mot dat the Wombats niet lang meer op zich zouden laten wachten. De heren zijn immers Liverpools voornaamste muzikale exportproduct. Het drietal opende met een stukje a capella, niemand weet waarom. Daarna ging de beuk er meteen stevig in.
Uiteindelijk doen the Wombats niet veel anders dan de rest van het legioen Arctic Chiefs maar ze doen het met overtuiging. Ze hadden bovendien een klein pluchen buideldier bij en een groot opblaasbaar. Qua podiumact werd er doelloos in het rond gerend. Het dak ging er pas af bij Let's Dance To Joy Division.
Pony! is flauw gevallen. Met haar kun je nergens komen. Ik heb haar gelukkig opgevangen. We zijn dan maar in de zeteltjes gaan zitten bij de bejaarden. Want niet alleen was het publiek barely illegal, kennelijk mochten ze niet weg zonder de oudjes. Ik schat dat vandaag in elk vierde middelbaar in de buurt van Leuven straffe verhalen verteld gaan worden. Veel mooie meisjes gezien wel. Maar goed dat Sander F. Yezerskiy er niet bij was. De "F." staat immers voor "fiespeuk".

Labels: , ,

zaterdag 27 september 2008

Een hippe negerin gaat er altijd in

Het was donderdag weer druk in Leuven. Studenten stonden op straat. Ze lachten, liepen en ze geurden. Iedereen negeerde waar studeren om draait. De volgende regel van Druk In Leuven is "Ik ben weer eenzaam in Leuven". Dat zou de waarheid onrecht aandoen want de Oude Markt kreeg plenty volk over de vloer.
Zij het dat daar bij Nailpin nauwelijks iets van te merken viel. Wij konden moeiteloos naar voren wandelen om post te vatten in de frontlinie van de rock & roll. Daar kregen wij een portie liedjes te verduren waar we warm nog koud van werden. Frontman Sean d'Hondt riep dan maar op tot klappen in en zwaaien met de handjes. De eerste paar rijen trapten er nog in ook. Ah, to be young and innocent again.
Toen wij een fan om zijn mening vroegen beweerde die dat het geluid op niets trok. Dat kan kloppen, de basdrum sloeg zowat onze hersenen in. Sean riep aan het eind nog dat Leuven een mooie stad is, de slijmbal. Soit, hij slaapt elke nacht met An Lemmens en wij tot nader order met een teddybeer. Volgende keer beter?
Van de pauze maakten wij gebruik om ons tot op de eerste rij te wurmen voor De Mens. Niet dat Frank Vander linden onze god is maar voor de schrijver van de regel "Jij zoekt voedsel voor de geest / Zal ik Chinees afhalen?" hebben wij eeuwig respect. Van meet af aan toonde De Mens zich dat respect waardig. Monza is een carrousel waar leden op en af stappen als ze er zin in hebben en Gorki heeft al vijf keer dezelfde plaat gemaakt maar De Mens gaat nog steeds swingend door het leven.
We kregen een strakke set van greatest hits waaruit bleek dat de heren anno nu zeker niet minder populair zijn dan tien jaar geleden. Funky Franky zag er opvallend mager uit en kreeg de dames zonder probleem aan het gillen. Michel De Coster borrelde als altijd over van de energie en verkende elke vierkante millimeter van het podium tot in de details. Drummer Dirk Jans tenslotte zat er bij en keer er naar zonder ooit de teugels te lossen. Het zou ons niet verbazen moest hij het brein van de groep zijn.
Duizend maal meer handjes dan bij Nailpin gingen op elkaar en in de lucht. Ondanks onze ironische hipsterstatus deden wij ongegeneerd mee. Wij lieten ons achteraf vertellen dat het geluid weer niet je dat was. Met name van achter viel er van de zang niets te verstaan. Kan ons dat wat schelen? Wij stonden van voor zoals het hoort.
Ten slotte mocht Shameboy orde op zaken stellen met een royale portie block rockin' beats. Daar hebben wij geen halve minuut van gezien of gehoord maar op simpel verzoek kunnen wij zonder problemen doen alsof.

Labels: , ,

donderdag 25 september 2008

Do what yourself?

Gisteren heeft Da Snood Laïs geschnitzeld in de Rotonde van de Botanique. Even terugspoelen. Laïs is a household name net zoals Lay's dat is. Zoals Lay's dat was toen de naam nog Smith's was. The Smiths is ook al a household name. Zelfs Jarne was onlangs naar The Queen Is Dead aan het luisteren. Laïs is a household name.
En toch. Ik had hen nooit live gezien. Behalve een korte visite bij Roland op Couleur Café 2004. Een van de beste optredens die ik dat jaar heb gezien. Laïs deden een prachtig After The Goldrush. Plus één van de drie Laïschicks heb ik meermaals mooie dingen zien doen aan de zijde van Admiral Freebee. Laïs is a household name.
En toch. Hun eerste en derde CD staan in mijn rek. De eerste gekopieerd uit de bib van Peer. De derde gekocht in de Free Record Shop van het station in Berchem. Een mens doet gekke dingen als hij moet wachten op zijn trein naar Limburg. Die Free Record Shop is niet meer. Die bibliotheek nog wel. Die beide CD's, hoe bloedmooi ook, kan ik niet langer dan een kwartier beluisteren. Die stemmen, die vrolijkheid, die folk begint op mijn zenuwen te werken. Laïs is a household name.
En toch. De vreemde berichten bereiken mij dat Laïs zichzelf heeft heruitgevonden. Dat er met elektronica gespeeld wordt. Dat groovy Antwerpse vogels als Elko Blijweert een vinger in de pap hebben te brokken. Laïs is a household name. Da Snood is a curious motherfucker.
Da Snood is aangenaam verrast geworden in de Rotonde van de Botanique. De volksliedjes waren allemaal thuisgebleven. Wat Laïs wel had meegebracht varieerde tussen waanzinnig, uitzinnig en kippenvel. Nu eens bestond de muziek uit voorzichtig gedrone, een abstracte rivierbedding waarover het stemmenwerk naar de monding kon stromen. Dan weer waren er echte liedjes. Denk aan The Lyre Of Orfeus waar de achtergrondzangeressen het hebben overgenomen en Nick Cave de laan uit hebben gestuurd.
Ik zou de term roots van stal halen maar daarvoor zat er te veel weirde shit in. Niet iets dat je zou associëren met Laïs toch? Elko haalde dingen uit zijn gitaar die eerder bij Rage Against The Machine zou horen. Zelfs "Captain Beefheart" stond in mijn notaboekje gekribbeld. Het heerlijkst was hoe Elko een stukje clichématige country speelde om het daarna elektronisch te bewerken tot een crazy ass rāga.

Maar de chicks zelf stalen toch de show. Met een acapella Didn't Leave Nobody But The Baby bijvoorbeeld - bekend uit O Brother, Where Art Thou?. Met hun beeldige jurkjes waar Pony! menig modeblog over kan volpennen. Ze waren truely de drie mooist boerinnetjes op het bal. Ze dansten als derwisjen op het oogstfeest. Bestond Laïs uit vier zangeressen, er zou nogal gesquaredancet worden in onze rijke Vlaemsche gewesten.
Had ik mijn baseballknuppel bijgehad, hij had innig kunnen kennismaken met acht kniën. Vier overijverige fans, drie met T-shirts gesigneerd door Laïs, de vierde met een staart tot onder de knieën. Ik mag dan dansen als een kleuter die stijf staat van teveel cola, deze vier bitches lieten zich gaan als ADHD-mongolen op bollen. Ik zou een goede man aanraden om hen op het rechte pad te krijgen maar een goed pak rammel might just do the trick.
De waterstofbom zal de wereld niet redden.

Labels: , , ,

dinsdag 23 september 2008

Crack-smoking environmentalists

Afgelopen zondag werd de Sojo sonisch geteisterd door een show van Kickass Records. Afgelopen zondag werd de Sojo fysiek geteisterd door onze aanwezigheid. De directie van Onderhond heeft echter klachten ontvangen dat teveel aandacht gaat naar shows van Kickass Records. Another Effort, Break Of Day en Atlas Losing Grip stonden op de affiche. Daar gaan we niet over uitwijden.
(De directie van Onderhond bestaat niet uit uilen. Wie nood heeft aan duiding omtrent afgelopen zondag kan hier terecht bij onze goede vrienden van Kaasdrager.)

Labels: ,

maandag 22 september 2008

Bilzen was a gas

Ik leuter hier graag een eind weg over popmuziek en rock en/of roll. De trieste waarheid is dat ik geen reet ken van muziek en nog minder van dat soort muziek. In mijn vrije tijd luister ik enkel naar jazz. Zaterdag was het dan hoog tijd om die Jef Neve-dude eens uit te checken aan het Depot. After all was zijn soundtrack het enige dat niet tegenstak bij Dagen Zonder Lief, die film zonder ballen. Zelfs mijn daddy heeft Jef Neve al gezien en die komt nauwelijks nog buiten. Bovendien was de afterparty in het Depot toevertrouwd aan de zorgzame handen van Jules Deelder.
Daarom trof ik Sander Yezerskiy zaterdagavond iets na acht. Outfitgewijs had ik getwijfeld tussen een zoot suit en een standaard beatnikrommeltje met standaard beatniktrommeltje. Het compromis was gevallen op een jeansbroek, een hemdje en mijn kostuumjasje. Het kan niet altijd Kerstmis zijn. Outfitgewijs had Sander Yezerskiy getwijfeld tussen een nerd en een dweep. Waar het compromis was gevallen, wilt u liever niet weten. Do You Wanna Know spookte nog door mijn hoofd, ook al hadden the Kids dat niet gespeeld de dag ervoor.
Jef Neve trad aan met zijn trio dat enorm creatief de naam Jef Neve Trio droeg. En het was jazz zoals ik mij jazz voorstel maar dat bedoel ik niet al te positief. De muziek zweefde tussen ingetogen en uptempo met solo's en overgangen enzo. Het pianospel van meneer Neve was behoorlijk ingewikkeld en deed soms meer aan als klassieke muziek dan als jazz. Drummer Teun Verbruggen stond ook in voor wat elektronisch speelgoed. Dat had hij beter thuisgelaten. Het paste totaal niet in het geluidsbeeld dan wel klankpallet. Om de twee nummers ofzo zette Jef Neve een paar stapjes weg van zijn piano om op een houterige manier de titels van de nummers te vermelden en te verklaren met crappy anekdotes. Het optreden duurde mij ook wat te lang. Misschien moet ik dit jaar wat meer naar Jazz Op Zondag gaan.
Daarna mocht Jules Deelder dus aan de slag en dat deed hij prachtig. Enorm old school: twee platenspelers, geen hoofdtelefoon en alles perfect aan elkaar gemixt. Dit was een hoogmis van jazz geleid door de paus himself. En wat een coole paus. Jules Deelder is cooler dan Big Nasty J., Jules Deelder is cooler dan de papa van Sander Yezerskiy. Het noodlot en mijn ouders hebben mij gedwongen door het leven te strompelen zonder een greintje funk of elegantie. Zelden heb ik daar zo maling aan gehad. Zelden heb ik zo gedanst. Want jazz is dansmuziek, vergis u daar niet in.
Deelder pompte alles wat volgens mij ontbrak bij Jef Neve de zaal in. Jef bracht jazz voor jazzkenners, Jules bracht jazz voor iedereen. De paus preekte dat jazz is en leeft en gebeurt en beweegt en neemt en geeft en weet en spreekt en doet en laat en komt en gaat. De hele zaal hing aan zijn lippen. Alle mooie dansende meisjes. Alle mooi dansende meisjes. Alle hippe vogels. Alle losers. Jules zelf behield zijn cool en ging zich enkel te buiten aan luchtdrums en luchttrompet.
Het was groovy, kat.

Labels: ,

zondag 21 september 2008

Auschwitz hallucination blues

Soms krijg ik emails van Petit. Maandag één september bijvoorbeeld. "Vrijdag 19 september worden jullie verwacht te Casa Petit", stond daarin. "Vlees en randbenodigdheden, alsmede bier zullen in overvloed aanwezig zijn. Dikke sigaren dient u zelf mee te brengen. Breng ook wat muziek mee.", vervolgde hij. Als onderwerp droeg die email het bijzonder eloquente "BBQ? BBQ. BBQ!‏" met zich mee.
Nu wilde het toeval dat the Kids diezelfde avond een feestje gaven in de AB. Geert had een ticket toegeschoven gekregen van schimmige individuen uit de culturele sector. Het soort aanbod dat men niet weigert als men nog helder kan denken. U begrijpt dat onze held voor een serieus dilemma stond. Barbecue chez Petit versus the Kids. Het ene een bende oude zakken die hun jeugd proberen te doen herleven. Het andere een optreden van the Kids.
Geen gewoon optreden overigens maar een onderdeel van de tweede jaargang Rewind te AB. Petit begon onmiddelijk emotionele chantage en andere psychologische spelletjes uit de ingemaakte kast te halen. Niet snel daarna hing Ludo Mariman dagelijks aan de foon om te herhalen dat ik moest en zou komen kijken naar zijn bandje. Na veel vijven en zessen bleek dat ik nog een trein richting Petit had als the Kids het niet te laat maakten. Dus ik trok met dat verzoek naar de Ludo en hij stemde nog toe ook.
Toegekomen in de AB bleek het publiek te bestaan oudere jongeren, complete wacko's en gezinnen op uitstap. Het jongste exemplaar dat ik heb gezien kon waarschijnlijk nog niet lezen. Verder heel veel volk gehuld in Kids-T-shirts en dergelijke ook al is dat tegen de regels. Muzikaal gezien doorworstelden de heren hun eerste plaat. Dat is nog steeds dezelfde hoop kortaf geblaf. Dat is nog steeds dezelfde hoop brandende urgentie.

Na een half uur verlieten the Kids het podium. Bij hun terugkeer verwachtte iedereen een standaard best of-set. Ludo kondigde echter droogweg aan dat ze hun tweede plaat ook gingen rewinden. Twee rewinds voor de prijs van één! Die tweede plaat is nog steeds dezelfde hoop kortaf geblaf en brandende urgentie. Hoewel er ook plenty bewijzen inzitten van muzikale groei.

Daarna pas kwam de standaard best of-set inclusief de trouwe dienstplichtigen Blitzkrieg Bop en If The Kids Are United. Ik stond recht voor gitarist Luk Van De Poel en het is ronduit indrukwekkend met hoeveel energie hij het podium met de grond gelijk maakt. Het dynamiet dat hij uit zijn gitaar ramt is bijna magisch.
Tussen de AB en Brussel Centraal passeerde ik een straatmuzikant die Good Riddance (Time Of Your Life) van Green Day speelde. Een conclusie dringt zich op: punk is dood maar the Kids zijn springlevend en piepjong. Wedden dat er wel nog een volgende keer komt?

Labels: , ,

donderdag 18 september 2008

The suicide life of zack cody

Het is maandag vijftien September. Het is half drie. Je wandelt in Leuven. Je wandelt in de Parijsstraat. Je wandelt niet zo ver van de JJ. Je GSM gaat. Ze kennen je naam. Ze hebben je nummer. Je neemt op. Ze vragen of je die avond naar Meshuggah in de AB wilt gaan. Je zegt: “ja”.
Je overweegt twee paar oordoppen mee te nemen. Je beseft dat het onmogelijk is om twee oordoppen in één oor te duwen. Je overweegt het tweede paar in je neus te steken. Je beseft dat dat ronduit oncomfortabel zou zijn. Je beseft dat dat onhygiënisch zou zijn. Je beseft dat dat geen zicht zou zijn. Je beseft dat dat geen reet zou helpen tegen het lawaai.
Je laat de professor weten dat je die avond naar Meshuggah in de AB gaat. Je gaat naar de site van de AB. Je leest dat het voorprogramma aan death metal doet. Je gaat naar Wikipedia. Je leest over Meshuggah. Je struikelt over het woord “polyrythmic”. Je krabbelt weer recht. Je drinkt een tas koffie. Je gaat vanavond naar Meshuggah in de AB. De teerling heeft geworpen.
Trigger The Bloodshed. Death metal dus. Daarvan ken je nog minder dan van gewone metal. Eigenlijk gedragen deze jongens zich net als die punkbandjes die je zo vaak ziet. Ze spelen een korte set. Ze dragen bandshirts. Ze roepen op tot publieksparticipatie die uitblijft. Ze proberen hun merchandise te slijten. Ze dragen een korte broek. Het verschil zit in hun lange haar. Het verschil zit in hun death metal. Trigger The Bloodshed was verdraagbaar maar je voelde er niets bij. Je begreep er niets van.
Meshuggah. Metal voor intello’s. Metal voor jazzo’s. Metal voor ADHD’ers. Dolle pret voor weirdo’s. Je hebt al die omschrijvingen gelezen of gehoord. Je hebt ze op jouw beurt gedebiteerd. Je hebt je geen moment verveeld Je was best wel onder de indruk van de rauwe kracht van Meshuggah. Je had het wel op het originele baswerk en de averechtse gitaarsolo’s. Caligula zou geglimlacht hebben.

Labels: , ,

woensdag 17 september 2008

Het oranje gevaar

De afgelopen zaterdag heeft spannend materiaal opgeleverd voor mijn weldra te verschijnen autobiografie De Terugkeer Van Marcel. Het begon allemaal toen ik Gent verliet. Brussel bood mij een triomftocht aan alsof ik Caeser himself was die net Brittannië had onderworpen. Héél Brittannië? Nee, een kleine nederzetting blijft moedig weerstand bieden aan de overweldigers en maakt het leven van de Romeinen in de omringende legerplaatsen bepaald niet gemakkelijk.
Alzo belandde ik op het undergrounfestival Musikometro. Dit jaar was het voor geen enkel goed doel en puur voor de muziek. Maar goed ook want die oplichters steken alles in eigen zak. De arme negertjes zien daar nooit iets van. Geert koos voor metrohalte Botanique. Die is namelijk het dichtste bij het kot van Pony! en Geert is liever lui dan moe. Okee, strikt genomen zit Pony! daar niet meer op kot maar wie geeft er een ijsje?
Pete Molinari. Een man met een akoestische gitaar en een mondharmonica in een ijzeren ding. Verbaast het u dat hij heel erg klonk als de jonge Dylan? Hij had zijn look zelfs gemodelleerd naar de hoes van Bob Dylan. Al na twee liederen resulteerde dit in een overdosis epigonisme maar Pete counterde dit vlotjes met een paar Hank Williams-covers. Er was nog geen dozijn mensen opgedoken voor Pete maar een paar kinderen reagerden erg enthousiast dus het kan nog alle kanten op!
Dez Mona. Voor de gelegenheid in hun basisbezetting van zang en contrabas maar wel aangevuld met de cellist van die anarchistische DAAU-kerels. Een kort maar hevig shot muziek om de dronkaards in de hemel op te vrolijken. Of de onschuldigen in het vagevuur te troosten. Een dramatisch pleidooi dat er geen reden is om je voor een metro te smijten. Die metro voelt daar toch niets van. Een gevaarlijk lichtpunt in een veilige duisternis. De vage gloei van die ene sigaret die je kanker gaat bezorgen. En rokershoest.

De Dolfijntjes. Oudere jongeren brengen oergezellige en überenergieke meezingers voor het hele gezin. Het soort liederen waarbij spontaan woonwagens en kampvuren opduiken. Muziek om zelfgestookte drank bij te nuttigen tot je blind wordt. Met teksten in een West-Vlaams dat nergens stoorde. Picture Flip Kowlier die iets van Paul van Ostaijen op muziek zet met veel accordeons. Ik ben heel benieuwd wat De Dolfijntjes ervan bakken in een festival- of zaalcontext.

Eens de trein Leuven had bereikt, werd ik onthaald zoals het hoort: met een zjat koffie en een stukske vlaai. Later volgde ik een pad naar het Stukcafé alwaar Showstar van leer trok ter mijne meerdere eer en glorie. Ik hoorde Waalse indierock die bij momenten zeer te pruimen viel. Zolang het tempo maar hoog bleef liggen, zolang de zanger maar van zijn speelgoedxylofoon afbleef.

Die zanger miste zoveel hoeken dat hij wankel was en leek me bovenal enorm vermoeiend. Al kan ik mij perfect inbeelden dat hij zich ontpopt tot volksmenner eens je hem op een groene weide neerpoot. Een regel als "I don't like your presents / I don't like your parents" is gewoon beestig. Of bewoon geestig, daar wil ik vanaf zijn. Voor eeuwig en altijd vanaf zijn.
Ik ben daarna een dutje gaan doen. Een besluit dat ik mij niet heb beklaagd. Een kilo van het beste werk weegt niet af tegen honderd gram commerce.
I'm scared of your pants. I'm scared shitless of your pants.

Labels: , , ,

dinsdag 16 september 2008

Fair enough, mijn kleine tijger

Stoelendans.
Soms krijg ik emails van GW. Dinsdag twaalf augustus bijvoorbeeld. "New Dates for Melvins‏. Sep. 12, 2008 Gent, BEL @ Voorhuit w/ Big Business, Porn", stond daarin. Maar dat had GW ook maar uit een andere mail gestolen. "In de voorhuid nog wel! Interested, compadres?", vervolgde hij en ik vermoed dat die regels van hem kwamen.
Stoelendans.
Call me silly maar mijn antwoord luidde: "indien u voor een ticket en een slaapplaats zorgt, zorg ik voor mijn geld en mijn aanwezigheid." GW fixte mij gezwind een ticket en een slaapplaats en de rest is geschiedenis. Alzo dwaalde ik vrijdag door de van socialisten, vrijmetselaars, homoseksuelen en ander uitschot vergeven straten van het eens zo fiere Gent.
Stoelendans.
De Vooruit is een mooie zaal. Twee gloedverse en kersnieuwe oordoppen brandden in mijn broekzak. To rule them all, to find them. To bring them all and in the darkness bind them. Ik zou ze nodig hebben.
Stoelendans.
Porn. Niet de beste groepsnaam aller tijden. Maar eigenlijk stiekem wel. Er werd naadloos ingepikt op het freejazzonweer van de DJ van dienst. Een kruising tussen een yeti en een holbewoner kwam op en combineerde zijn gitaar en een pak elektronica tot een drone. Vervolgens kwam Dale Crover daar dwingend overheen drummen in ware mokerstijl. Een derde kerel kwam erbij en deed iets obscuur met een zaklamp en een stuk hoogtechnologisch speelgoed. Een tweede drummer vervolledigde deze fab four. Occasioneel werd er wat babygehuil en kattegejank doorheen gemixt. Uiteindelijk duurde dit dronegedoe iets te lang maar het bleef verdraagbaar door het geweldige samenspel van de drummers, die aan het eind alleen overbleven. Even plots als Porn was begonnen, was Porn gedaan. We'll always have Paris.
Stoelendans.
Big Business. De tweede drummer van Porn op bas en de kerel met het hoogtechnologisch speelgoed op drums. Na enkele nummers vervolledigde Dale Crover op gitaar dit duo tot het soort powertrio waar het woord "powertrio" voor is bedacht. Verder staan er in mijn notaboekje enkel negen uitroeptekens en "waaaargh". Dit soort kick moet het geweest zijn om streng katholiek te zijn in volle verzuiling.
Stoelendans.
The Melvins. Een muzikale bunker waarvoor alle woorden tekort schieten. King Buzzo is mijn nieuwe god met zijn zilveren afro, zijn zilveren gitaar en zijn zwarte toga. De bassist (die van Big Business trouwens) droeg een matrozenpak. Een matrozenpak! Tel daar nog twee drummers bij die elk per minuut meer lichaamsvocht investeerden dan Wendy Van Wanten in heel haar proces tegen Dag Allemaal. De heren deden een uiterst vreemde cover van The Star-Spangled Banner die Jimi Hendrix deed vergeten. Gent stond vrijdag in lichterlaaie.
Stoelendans.
In ons gezelschap bevond zich overigens een bevriende metalhead. Bevriend met GW that is. Ik ken persoonlijk nauwelijks metalheads. Maar ik ken een ruime portie punkrockers. Dat houdt de balans in evenwicht. Mijn street cred gaat met grote stappen vooruit. Nog even en ik durf misschien echt de straat op te gaan. Waar de mensen zijn. Ik wil eens zien hoe die mensen dansen.
Stoelendansen.

Labels: , ,

vrijdag 12 september 2008

Platonic means "up the bum", right?

Dit is Leuven, niet Limburg.
Daarom liep er een mooi meisje over straat dat weinig elegant een banaan at terwijl ze telefoneerde. Daarom stond er een kermis met pony's op diverse pleinen. Daarom spuwde elke kraam gabberhouse uit vijfennegentig afgewisseld met Eye Of The Tiger.
Daarom viel er gisteren livemuziek te aanschouwen in het Rock Café. Het was een satanische hittegolf, een hellepoel, het CBGB's van de Oude Markt. Mijn juridisch adviseur had mij aangeraden te gaan en alzo geschiedde het. In zijn vrije tijd luistert hij naar the Bee Gees en Abba.
The Octopussys. Een quintet met petjes en korte broeken. Drums als Led Zeppelin. Gitaren als Led Zeppelin. Backing vocals als Crosby, Stills, Nash & Young. Zang als de vroege Krezip. Zo krakkemikkig als Tom Waits. Maar dan in 't punk, natuurlijk. Beste voorbeeld is misschien hun cover van She's A Maniac van Hall & Oates. Er is geen enkele goede groep vernoemd naar een James Bond-film.
State Of Mine. De zanger is afgestudeerd, volwassen, getalenteerd en een hunk. De ene gitarist lijkt elke dag meer op Admiral Freebee. De andere gitarist houdt van Frans brood en zelfmutulatie. De drummer studeert archeologie. Samen spelen ze salsa. Zo goed dat de meisjes ervan gaan huilen. Wie zal hen troostneuken?
Soey. Oostenrijkse volksgenoten die waren afgezakt om ons afgedwaalde Vlaemsche volk het rechte pad naar de toekomst aan te wijzen. Soey is jammerlijk gefaald in zijn missie. Ik ging slapen met het gevoel dat er zoveel meer in de avond had gezeten. Meisjes bijvoorbeeld, wier tranen smaken naar maïszetmeel. Meisjes bijvoorbeeld, met het charisma van een autistisch eendje.
Smile, Brian Wilson ziet u.

Labels: , ,

woensdag 10 september 2008

So get up get get get down 9/11 is a joke in yo town

De filmpjes van augustus! Het zijn er veel te veel. Hou in gedachten dat ik op dat moment een McVakantiejob had die geen enkele creatieve, intellectuele of fysieke uitdaging betekende. Hou in gedachten dat ik toekom met vier à vijf uur slaap per nacht. Hou in gedachten dat moe zijn gewoon een symptoom is van koffietekort.
  • Eurotrip (2004) van Jeff Schaffer
  • Apocalypse Now (1979) van Francis Ford Coppola
  • Les Bijoutiers Du Clair De Lune (1958) van Roger Vadim
  • Seizoen 4 (2004) van Curb Your Enthousiasm
  • Seizoenen 1 (2001) en 2 (2002) van The Office
  • Seizoen 1 (2004) van Entourage
  • Some Kind Of Monster (2004) van Joel Berlinger & Bruce Sinofsky
  • Batman (1989) van Tim Burton
  • Batman Returns (1992) van Tim Burton
  • Batman Forvever (1995) van Joel Schumacher
  • Batman & Robin (1997) van Joel Schumacher
  • The Insider (1999) van Michael Mann
  • The Parallax View (1974) van Alan J. Pakula
  • All The President's Men (1976) van Alan J. Pakula
  • Sid And Nancy (1986) van Alex Cox
  • Summer Of Sam (1999) van Spike Lee
  • Driving Miss Daisy (1989) van Bruce Beresford
  • Todo Sobre Mi Madre (1999) van Pedro Almodóvar
  • The Breakfast Club (1985) van John Hughes
  • De Witte (1980) van Robbe De Hert
  • Titus (1999) van Julie Taymor
  • Monterey Pop (1968) van D.A. Pennebaker
  • Alien (1979) van Ridley Scott

Alle series uit de lijst had ik geleend van Zijne Almachtige Big Nasty J.-heid. Verder heb ik nu echt wel genoeg Batman gezien voor de komende twee jaar. Naast al het beeldbuisgeweld nog wat in een boekje gebladerd:

  • Shakey - Neil Young's Biography (2002) van Jimmy McDonough

Ik zag jouw bruine ogen, draai ze eens in brand!

Labels: , ,

dinsdag 9 september 2008

No one knows how to hate me quite like you do

En dan nu de allerlaatste aflevering van Mixtape Madness! Eventuele vervolgen zullen moeten wachten tot volgende zomer. Mijn leescijfers zakken dalen sneller dan Eric Van Rompuy aan een lekke parachute. Vandaag: The Big Fake Document, persoonlijk overhandigd aan cousin Alexander en het kan me niet schelen of hij er al naar geluisterd heeft, de hufter!

  1. The Bonzo Dog Doo-Dah Band – The Intro And The Outro. Een arty farty bandje met veel humor dat zich specialiseert in music hall, oude jazz en psychedelica. Het nummer is een opsomming van echte en fake muzikanten. "Say hello to big John Wayne, xylophone", "looking very relaxed, Adolf Hitler on vibes", "Eric Clapton, ukulele / Hi Eric!", "General de Gaulle on accordion / Rather wild, general!" et cetera. Ik heb dit leren kennen via een column over obscure muziek die Jan De Smet van De Nieuwe Snaar had in wijlen Teek. (Klik!)
  2. Brigitte Bardot – Bubble Gum. Bubblegum pop in alle mogelijke betekenissen. Brigitte was een hete doos en is een soort fasciste tegenwoordig. Dat apprecieer ik wel in een vrouw. (Klik!)
  3. The Thamesmen – Gimme Some Money. Stereotypisch Merseybeatbandje doet een aardige pastiche op Money (That's What I Want). "Your face is okay / But your purse is too tight / I'm looking for pound notes, loose change, bad checks, anything." When the Thamesmen later changed their names to Spinal Tap, they had a couple of nice-sized hits. The are currently residing in the "where are they know" file. (Klik!)
  4. The Rules – Ouwe Lullen Moeten Weg. Als the Rules hier speelden, kwamen de meisjes kilometers fietsen. Voor de ene helft van Appeldoorn waren the Rules God. The Rules hadden nummers die haarscherp zeiden wat er mis was. Ouwe Lullen Moet Weg is door de Gelderse politie uit alle platenzaken gehaald. Nooit is Nederlandstalige protestrock uit de jaren zestig scherper geweest. Frontmannen Jaap Tracht en Hans Hardenberg heten in het dagelijks leven gewoon Kees van Kooten en Wim de Bie. (Klik!)
  5. Ashbury Faith – Get It. Als Axl Peleman meer doet dan wat bassen en wat schreeuwen gaat hij snel vervelen. Toch heb ik Camden een keer of vijf gezien, als het niet meer is. Voornamenlijk omdat zij in die tijd letterlijk overal speelden. Ashbury Faith wordt te vaak doch volledig terecht met de Peppers vergeleken. "I got laid for the first time on a football field / Reagan said he wanted to disarm that goddam shield."
  6. Kid Rock – Yo-Da-Lin’ In The Valley. Of hij nu metal maakt voor hillbillies of Lynyrd Skynyrd op het genante af ript, Kid Rock blijft de James Joyce van het post-Koude Oorlog-era. Bij regels als "We didn't have no internet but man I never will forget / The way the moon light shined upon her hair" komen de tranen mij in de ogen van ontroering. Daar kan Wim Soutaer enkel van dromen. Dit was Kids eerste singel, old school hiphop over cunnilingus. (Klik!)
  7. PPZ30 – Jumpin’ Jehosaphat. Iets met een paar Belgen en een paar niet-Belgen. Iets tussen triphop en breakbeat in maar dan funky. Bestaan nog altijd ontdek ik net. Good for them! (Klik!)
  8. Susan Cadogan – Fever. Weer een reggaeversie van een standard. Kan geen kwaad. Fever kan daar tegen. (Klik!)
  9. T.C. Matic – Putain Putain (Demo). Eentoniger en ongestructureerder dan de uiteindelijke versie maar al minstens zo aanstekelijk. Arno's ontboezemingen over de lengte van zijn zizi zaten er al in.
  10. Duane Eddy – All I Really Want To Do. Handlanger van Lee Hazlewood en uitvinder van de twang-gitaar doet een instrumentale Dylancover. Voor Bob reden genoeg om in zijn Kronieken te concluderen dat zijn nummers meer zijn dan clevere lyrics.
  11. Jim Morrison – Angels And Sailors. Stukje spoken word dat na zijn dood door de overige Doors van muziek is voorzien. "The Spanish girl begins to bleed/ She says her period / It's Catholic heaven / I have an ancient Indian crucifix around my neck / My chest is hard and brown." (Klik! Ik vond geen apart filmpje maar het zit er ergens tussen.)
  12. Two Russian Cowboys – Not An R.E.M. Fan. Geschifte Belgen verklaren op een bedje van akoestische folk dat ze niet zo zot zijn van Michael Stipe en de zijnen.
  13. Neil YoungA Man Needs A Maid / Heart Of Gold Suite. De meeste muzikanten zouden hun oudste dochter, hun rechterlong en hun toekomstige gouden platen overhebben voor meestersongs als deze. De meeste muzikanten zouden meestersongs als deze ook zo lang mogelijk uitmelken. Niet zo bij Ome Neil, hij plakt ze gewoon aan elkaar met indrukwekkende gevolgen.
  14. Johnny Cash – Hung My Head. Geschreven door Sting en reden genoeg om hem een leven vol crappy Policegedoe te vergeven. Uit de Americanperiode van Johnny uiteraard. (Klik!)
  15. Gram Parsons – Ooh Las Vegas. Picture Ryan Adams anno 1970. Picture de wereldwijde verbazing dat country cool kan zijn. Picture regels als "The queen of spades is a friend of mine / The queen of hearts is a bitch / Someday when I clean up my mind / I'll find out which is which". (Klik!)
  16. The Minutemen – History Lesson Part II. Muzikale autobiografie: "Me and Mike Watt played for years / Punk rock changed our lives". Hoe sneller u zich verdiept in the Minutemen, hoe beter. (Klik!)
  17. Simon & Garfunkel – I Am A Rock. Aanstekelijk popliedje dat bewijst de heren Paul en Art beschikken over een scheut zelfrelativering. (Klik!)
  18. Serge Gainsbourg - Hold Up. Waar liefde en misdaad versmelten. Waar Frans en Engels versmelten. "Je suis venu pour te voler / Cent millions de baisers / (...) / C'est un hold-up."
  19. Lars Frederiksen & The Bastards - Switchblade. Als je dan toch een overval moet plegen, komt een wapen altijd van pas. Nevenproject van Rancid, dat ik onder invloed van meneer Petit zag in 't Lintfabriek. De CD heb ik later bij de uitverkoop van de Bilbo geplukt. (Klik!)

Conclusie: een kleine pizzabodem met enkel tomatensaus en een beetje kaas is geen pizza bambino. Ja, het wordt dringend tijd dat ik nog eens onder de mensen kom. U bent gewaarschuwd.

Labels: ,

zondag 7 september 2008

Flesje wijn bij de boterham

Het oudste broertje van Haar Geheim Is Met Blokjes Spelen stel ik u heden voor onder de summier gekozen titel Dove Therapie. De persoon dan wel roos waarop ik deze maal mijn pijlen richtte, luistert naar de naam Lode.
Alhier kan u een kortverhaal lezen dat hij heeft geschreven maar kom achteraf niet klagen dat u niet gewaarschuwd was. Ik ben niet het enige literaire genie in de familie. And by "genie" I really mean "crazy mofo".

Stiekem vind ik dit mijn meest geslaagde CD-hoesje tot nu toe.
  1. ArnoPutain Putain (En Fanfare). Mijn Grote Held doet zijn ultieme klassieker nog maar eens over en sleept er voor de verandering een fanfare bij.
  2. Tom Waits – Army Ants. Geweldig stukje beatnik jazz & poetry over mieren. "Insect facts gathered from The World Book Encyclopedia, Audubon Field Guide, reliable sources and the naked eye", aldus de liner notes van Orphans. Dit nummer is overigens een Bastard. (Klik!)
  3. Bobbie Gentry – Ode To Billy Joe. Mysterieuze murder ballad over kindjes van bruggen gooien en seksuele relaties tussen blanke vrouwen en zwarte mannen. Ik heb het leren kennen via een cover door Sheryl Crow. Als ik als blanke vrouw moest kiezen tussen een zwarte man en een wielrenner met maar één bal, ik zou het wel weten. (Klik!)
  4. Warren Zevon – I’ll Sleep When I’m Dead. Warren slaapt vandaag precies vijf jaar. Ik wil niet eens weten waarover hij droomt. De titel is een slogan waarmee je overwinningen op het slagveld binnenhaalt. Het lied zelf is ook de moeite waard. (Klik!)
  5. John Mayall & The Blues Breakers – On Top Of The World. Waar blues en perfecte pop elkaar in de armen vallen en de eerste paar uur niet meer lossen. Waarschijnlijk mijn favoriete stukje Eric Clapton: hij heeft het niet geschreven, hij zingt er niet op en zijn gitaarsolo duurt maar tien seconden.
  6. The Jon Spencer Blues Explosion – Can’t Stop. "Trow your hands in the air / And kiss my ass / Cause your girlfriend still loves me". 'Nuff said! (Klik! Het tweede liedje, ik vind er geen apart filmpje van.)
  7. The PoguesFiesta. Als ik ooit een radioprogramma maak, gebruik ik het stukje op twee minuten en achtenveertig seconden als tune. (Klik!)
  8. The Stranglers – Walk On By. Punkers van het eerste uur die nooit oogkleppen hebben opgezet en die voorsprong op het peleton altijd behouden hebben. Het nummer is een standard van Burt Bacharach en Hal David. Volgens sommige bronnen nog eigenzinnig gecoverd door Eva De Roovere. Fuck that! (Klik!)
  9. X-Ray Spex – Oh Bondage, Up Yours! Eigenzinnig punksingeltje dat des te meer opvalt door het gebruik van de saxofoon. Joyful noise met een feministische boodschap die het nummer niet verpest! (Klik!)
  10. SunpowerLove Affair. "You look like Paris Hilton / And you slept with all my friends." Als ik u was, zou ik uw moeder toch wat meer onder controle houden.
  11. Face The FaxSilence Is Gold. Mijn favoriete Kickass Recordsband! De tekst gaat ongeveer zo "I've been told / That speaking is shit / And silence is gold". Pony! luisterde er één keer naar en merkte droog op dat "silence is golden" het correcte Engels zou zijn. Maar dan rijmt het natuurlijk niet meer.
  12. Kim Fowley – Bubblegum. Componist, tekstschrijver, producer, studiomuzikant, arrangeur, tourmanager, ritselaar et j'en passe. Sinds eind jaren vijftig de Forrest Gump van de rock & roll, af en toe maakt hij wat soloplaatjes. Zoals deze popparel met een duister randje. Dom is het nieuwe slim! Nog gecoverd door Sonic Youth. (Klik!)
  13. Jah Division – Dub Will Tear Us Apart. Ik denk dat titel en uitvoerder al voldoende uitleggen wat er precies aan de hand is. Ik wil daar enkel aan toevoegen dat ik bij mijn verkenningen van reggae en dub graag vertrek bij nummers die ik ken. (Klik!)
  14. SpinvisIk Wil Alleen Maar Dubben. Zoals ik al zei: ik vertrek graag van nummers die ik ken. In mijn ogen kan heer Spinvis weinig verkeerd doen. Binnenkort trekt hij solo door Vlaanderen. Ik ben benieuwd. Als voorprogramma brengt hij Jasper Erkens mee. Dat zou Spinvis' eerste misstap kunnen zijn. (Klik!)
  15. Vanthilt & Cominotto – Singer. De heren geven op hun poëzie-CD U Nu Zot Polleke van Ostaijen een stevige beurt.
  16. Mitsoobishy Jacson – The Organs Of A Donor. Peter Houben schijt pure pop. Mauro Pawlowski is the son of a silly person. The best of both worlds! "The organs of a donor / Belong to the community / Live on eternally / Are common property." U weet wat u te doen staat.
  17. Ozark HenrySelf Portrait. Uit zijn eerste CD toen hij nog wat meer rapte. Geweldig nummer, you can trust me on that one.
  18. Cornelius – Brazil. In mijn weldra te verschijnen mémoires De Meest Beperkende Zin In De Nederlandse Taal kan u in het hoofdstuk Historische Fouten Van Geert S. Simonis nalezen hoe ik op Werchter 2002 na tien minuten weg ging bij Cornelius omdat Nelly Furtado begon op het hoofdpodium. (Klik!)
  19. Sickboy – The Surprise Remedy. Beetje lawaai om de oortjes te vermoeien zodat ze kunnen gaan slapen. GW kent iemand die breakcore-DJ is. Of dat zegt hij toch.

Nu ga ik een dutje doen want mijn oortjes zijn vermoeid. Om over mijn tenen nog maar te zwijgen. Morgen word ik voor één dag een mooie prinses of een stoere Spider-Man.

Labels: , ,

vrijdag 5 september 2008

Fried eggs & mexican cheese

Laat ons nog maar eens wat liedjes bespreken die ik op een CD'tje had gepropt. Er is toch niets op de buis op dit uur van de dag . Het schijfje in kwestie heet Haar Geheim Is Met Blokjes Spelen. De ontvangster was mijn nicht Emma, tevens het petekind van mijn daddy. She's into punk en jeugdhuizerij maar niemand is perfect.


Deze keer ben ik zo slim geweest het artwork maar meteen in wit en zwart en grijs op te stellen. Er is vooruitgang, dankzij de vooruitgang is er vooruitgang.

  1. Charles Et Les Lulus – Eyesight To The Blind. Na drie soloplaten is the lonesome Arno anno domini 1990 het noorden een beetje kwijt. Ter oriëntatie neemt hij met Roland en ander goed volk een bluesplaatje op. Deze cover van Sonny Boy Williamson II is het enige nummer ervan dat door Roland wordt gezongen. Ik ontdek hier net op Wikipedia dat de originele Sonny Boy Williamson jonger was dan nummer twee. Zo'n dingen maken mij curieus. Eyeysight To The Blind is door the Who schitterend verwerkt in hun Tommy. (Klik! Nu ja, je kan hier een korte preview beluisteren. Gewoon op de titel klikken.)
  2. John Hammond – Get Behind The Mule. De zoon van de ontdekker van Billie Holiday, Bob Dylan, Lenny Cohen en Bruce Springsteen neemt een plaatje op met Tom Waitscovers. Met Tommetje zelf als producer, muzikant, achtergrondzanger en manusje-van-alles. Van het origineel had die zoveel versies uitgeprobeerd dat zijn vrouw uiteindelijk wanhopig uitriep: "Oh no, not another mule variation!" En dat is dan maar de titel van de CD geworden. De CD van John Hammond heet Wicked Grin. Geen slechte titel. (Klik!)
  3. Shirley Caesar – Gotta Serve Somebody. Niemand zingt Dylan zoals Dylan maar dit gospelmokkel komt aardig in de buurt. I could've had religion but my little girl wouldn't let me pray. (Klik! Preview van een halve minuut.)
  4. Ray Charles – Eleanor Rigby. Ray Charles één, the Beatles nul. (Klik!)
  5. The Israelites – Come Together. En de Beatlescovers waren in de aanbieding. Ik heb een haat/liefdeverhouding met all things reggae maar ik doe mijn best. (Klik!)
  6. B.B. Seaton – Summertime. De ultieme standard in een netjes passend reggaejasje gestoken. Yep, weeral reggae. Ik zei toch dat ik mijn best deed. Door lacunes in de Jamaicaanse copyrightwetgeving konden die reggae- en dubkerels vrijelijk coveren wat ze wilden. Met lacunes bedoel ik wel degelijk de onfortuinlijke combinatie "ambtenarij" en "ganja". (Klik! Vijfde liedje in de lijst. Je kan het volledig beluisteren maar ik kan er niet direct naar linken.)
  7. Elvis CostelloYou Left Me In The Dark. De Elvis die nog leeft, croont zich een pad van zijn tweede scheiding naar zijn derde huwelijk. De ene baste bij the Pogues, de tweede is jazzdiva Diana Krall, het meisje in de andere kamer. "Nothing I'll do will make you stay / I'm glad it will rain today." (Klik!)
  8. Ian Dury – Wake Up And Make Love With Me. Van de klassieker New Boots And Panties!! afkomstig. Toen ik klein was stonden de platenspeler en -collectie van de daddy in de badkamer ter muzikale begeleiding van het reinigen van het lichaam. Deze plaat fascineerde mij al van jongs af aan. Er stond namelijk "sex" op. Als in Sex And Drugs And Rock 'n' Roll. (Klik!)
  9. Nick Cave & The Bad Seeds – Where The Wild Roses Grow (Guide Vocal). Muzikaal volledig de bekende versie maar de stukken van Kylie worden vertolkt door oppermof Blixa Bargeld. Hi-la-risch. Was ik een nieuwbouw, ik zou ook instorten van het lachen. (Klik! Toegegeven deze live-versie is minder hi-la-risch dan de studioversie.)
  10. Mick Harvey – Hank Williams Said It Best. Een Bad Seed van het eerste uur met roots in the Birthday Party gaat het solopad op. Geniaal simpele tekst. "One man’s famine is another man’s feast, one man’s pet is another man’s beast / One man’s bat is another man’s ball, one man’s art is another man’s scrawl / One man’s friend is another man’s foe, one man’s Joseph is another man’s Joe" en zo gaat dat nog een paar strofes door. (Klik!)
  11. The Mothers Of Invention – Who Needs The Peace Corps? "Every town must have a place/ Where phony hippies meet". Hier in Wijchmaal is dat een speeltuintje tussen de kerk en het voetbalplein. (Klik!)
  12. Kasper Van Kooten – Rosé. De zoon van Kees verklaart zich onafhankelijk met een aanstekelijk lied over alcohol.
  13. The ScabsRobbin’ The Liquor Store. Het era dat the Scabs golden als het hoogtepunt van de Belgische rock ligt al lang achter ons. Toch kan sinds deze zomer niemand nog ontkennen dat de heren helemaal terug zijn. Ik schat dat ze vanaf nu om de twee à drie jaar een beperkt festivalrondje zullen maken. Dit is hun beste lied. Geen discussie mogelijk.
  14. Ze Noiz – She’s Alright. Nog een belpopklassieker. Met de onsterfelijke regel "My baby she's alright / She's sleeping with another guy". Ze Noiz wonnen Humo's Rock Rally in 1988 maar knalden na een paar jaar tegen hun vervaldatum aan. (Klik!)
  15. Arbeid Adelt – De Man Die Alles Noteert. Uit de tijd dat Marcelletje Vanthilt nog hip was. Ik verlaat zelden het huis zonder notaboekje en schrijfinstrument.
  16. T.C. Matic – Living On My Instinct. Weeral die Arno, deze keer met een portie wilde funk. De missing link tussen Talking Heads en Vive La Fête.
  17. Somnabula – Sex Is Dead. Mauro Pawlowski hult zich in een cape en vermomt zich als vampier. Somnabula is gestorven op het podium en herrezen als de zo mogelijk nog satanischere Otot. Dit nummmer stond destijds ook op de setlist van the Grooms. (Klik!)
  18. Tiny Pixel – Sloop John B. De zanglijn van the Beach Boys op een elektronisch bedje. Afkomstig van het internetalbum Hippocamp Ruins Pet Sounds. De conclusie is dat dit lied gewoonweg niet kapot valt te krijgen. Zelfs de versie van Me First And The Gimme Gimmes valt nog te pruimen. (Klik!)
Even checken of er misschien toch al iets op TV is.

Labels: ,

dinsdag 2 september 2008

Een soldaat om op te huilen

Vandaag hoog bezoek gehad op Molenhizzle. Staf Coppens en Katia Alens zijn verschenen om een aflevering van Het Mooiste Meisje Van De Klas op te nemen. Ik heb hen bediend. Hij ijsthee. Zij koffie. Ja, er worden spannende bladzijden geschreven in Het Boek Geert.
De hele vakantiejob is bijna afgelopen, nog vijf dagen te gaan. En maar goed ook want ik begin het allemaal een beetje beu te worden. Tegen volgende keer misschien toch maar een andere activiteit zoeken om de zakken te vullen. Money don't get everything, it's true. But what it don't get, I can't use.
Ik was gestopt met drinken. Na een maand en vijf dagen besliste een kampvuur in Overpelt Rock City daar gisterenavond anders over. Als de nonkel en de tante van huis zijn, dansen de nicht en de twee neven op tafel. Reden genoeg om het gastvrije triumviraat een mixtapeje in de pollen te duwen. Bij elkaar gebrainstormd op een dood zondagsmoment at work. De tracklistbespreking volgt weldra.
Leuk moment: een random kippetje kon niet vatten dat ik een chick heb in Amsterdam als ik nog nooit in Amsterdam ben geweest. Haar vriendin hield van Metallica en niet van het dissen van Metallica. Het spreekt voor zich dat ik me vanmorgen zo vrolijk voelde als een Thais premier. Alcohol versus Geert S. Simonis: tough love. Voormiddagdutjes zijn da bomb.
Drie weken en twee dagen ver in het punkproject heb ik vandaag opgegeven. Als de nood het hoogst is, is de redding nabij. En ik had nood, lieve lezer, aan harmonieën, lieflijke melodieën, aan een tot muziek verworden bad zonlicht. Balsem voor de ziel, een zachte zalf die de littekens laat verdwijnen. Liederen die in mijn oor fluisteren dat alles altijd in orde komt. Dat er koffie is en of ik een zjatje wil. Moet ik eigenlijk nog zeggen dat ik Pet Sounds en Smile uit het rek heb gehaald?
Er heeft weer een knakker gevraagd of ik wilde meewerken aan "een onderzoek naar de bekendste blogs en blogpersoonlijkheden van België". Misschien zit er toch een splinter waarheid in die ene lijst.
Als u nog iets leuks te lezen zoekt dit schooljaar kan ik u nummer negenennegentig van De Brakke Hond van harte aanbevelen.
Ik kan eveneens absoluut niet scannen. Was ik het lief van de dochter van Sarah Palin, ik wilde ook geen kinderen.
Praat niet, leg je hoofd op mijn schouder.

Labels: , , , , ,