Why the fuck do you give a care?
Opeens was het zondag en bevond ik mij nog steeds in Gent. Opeens was het zondag en bevond ik mij nog steeds in een opgewonden staat van rock & roll. Dus moest er maar gejamd worden. Met mijn jurist op bas. Met mijn drummer op drums. Met Dave op gitaar. Met mijn ex-journaliste op toetsen.
Met mezelf op vocals maar hou het stil. Laat ons het erop houden dat niet alles wat ik gedaan heb totaal kut was. Sterker nog: ik belichaam everything about rock & roll. Behalve de muziek. Na de jam was er koffie en cake en scampi's en pilsjes en muziek. In de Minnemeers met name. Het gezelschap was afgeslankt tot het mannelijke kwartet. Meisjes moeten vroeg naar bed.
The Curvy Cuties Fanclub. Drie melkmuilen zonder haar op de tanden, zonder haar op de kin. Het gezelschap bracht een korte en krachtige set van weinig beklijvende standaardpoprock. De drummer zong bovendien, wat the Curvy Cuties Fanclub in dezelfde cathegorie zet als the Eagles. And I hate the fucking Eagles. The Curvy Cuties Fanclub is overigens een kutnaam van het zuiverste water.
Buzzcocks. Hier is het nodig een essentieel onderscheid te maken het objectieve en het subjectieve. U weet immers: objectiviteit bestaat niet maar subjectiviteit is ook niet alles. Objectief was dit geen goed optreden. Alle positieve schnitzel die ik in mijn voorbeschouwing had gestoken, bleek onterecht. Dit was classic punk. Als in classic rock, als in Werchter Classic. Dit was punk voor het geld.
Zanger Steve Shelley hield zich ijzig cool, enkel zijn drie kinnen trilden op de maat. Bassist en drummer waren ingehuurde krachten. De drummer leek zich af en toe nog te amuseren maar de bassist klopte gewoon zijn uren. Gitarist Steve Diggle hield het oude punkvuur nog het meest aan de gang. Maar allemaal beleefde mannen hoor, ik kreeg achteraf van iedereen een hand. Echt vuurwerk was er enkel te zien bij de grote hits: Ever Fallen In Love?, What Do I Get? en Orgasm Addict.
Subjectief heb ik mij te pletter geamuseerd. Het was van Helmet geleden dat ik nog zo wild ben gegaan in de pit. Ik wist zelfs niet meer dat ik een lichaam had. Even, heel even had ik zelfs geen last van mijn tuberculose. Achteraf hoeste ik als vanouds mijn longen op. Geen erg, ik heb die toch niet nodig. Ik rook niet eens.
Mag ik trouwens een vuistje geven aan het puike damesduo dat de avond DJ-gewijs aan elkaar draaide. Heerlijke set, dames. And yes: dat is een huwelijksaanzoek. Voor één van u twee toch, ik ben geen Mormoon.
Labels: gewaardeerd popkenner, live, zelfverheerlijking

0 Comments:
Een reactie plaatsen
Links to this post:
Een link maken
<< Home