Sommige dagen zijn episch, legendarisch en fabelachtig van het eerste ochtendlicht tot de laatste nachtelijke pistolet met kip cocktail. Van de allerbeste dagen - hoe zeldzaam die ook mogen zijn - besef ik dat op het moment zelf. Uit zo'n dagen puur ik gemakkelijk een volledig hoofdstuk van mijn weldra te verschijnen mémoires Gemaan Hennig.
De dag dat ik met Menelaos naar Troje zeilde omdat zijn mokkel ervandoor was. De dag dat ik
broerlief afmaakte nadat we een nederzetting hadden gesticht op de oevers van de Tiber. De dag dat ik met
San F. Yezerskiy wedde voor een bak Duvel dat ik president Kennedy kon raken vanuit een boekhandel. Zonder er veel woorden aan vuil te maken: ik heb die bak Duvel gewonnen.
Gisteren was zo een dag.
Het begon gewoon zoals elk mooi verhaal. Ik werd wakker te Leuven en besloot nog even te blijven liggen. Ik stond op en nam de bus naar Limburg. De namiddag was niet om over naar huis te schrijven. Voor 's avonds bestonden er grote plannen. Aan het Dommelhof te Neerpelt werd onder de noemer
Jeuk Neerpelt een
arty farty dagje georganiseerd. Workshops, theater, zumba: the works.
Hier begint een kleine flashback. Tegenwoordig is de meter van broerlief directrice van
Palethe in
Overpelt Rock City. In een vorig leven was zij iets aan het Dommelhof. Met als gevolg dat broerlief bij menige verjaardag en nieuwjaarsgelegenheid tickets in de maag gesplitst kreeg. Ik herinner mij een kindervoorstelling waarbij twee in het zwart geklede mannen met mechanisch speelgoed circus speelden. Maar dat is lang, lang geleden. Broerlief herinnert het zich niet meer. Onze daddy herinnert het zich niet meer. Misschien heb ik het wel verzonnen. Hier eindigt de kleine flashback.
De optredens waren niet bijster denderend. Team William was kind of mak. Het zou kunnen dat ik hun reputatie heb opgeblazen in mijn hoofd. De vorige keer dat ik hen zag, was ik een beetje bezopen. Het optreden was rommelig. De toetsenist was totaal geen madman. Al speelde hij wel op zijn sokken. Zijn schoenen stonden naast zijn synths. Ik had exact dezelfde aan.
Het hele mooie Judo Kid ("We are gangsters / We hang around.") werd solo ingezet door frontman Floris De Decker. Halverwege vroeg hij of er iemand in het publiek gitaar kon spelen. Ene Nick diende zich aan, kreeg de gitaar om en begon te spelen terwijl Floris zelf de drums bemande. Na twee minuten nergens heen te gaan, bedankte Floris Nick voor bewezen diensten, gespte zijn gitaar terug om en maakte Judo Kid af. Leuke gimmick maar het nummer overleefde het niet. Spijt.
The Galacticos betraden het podium na een half uur vertraging. De geluidsbalans suckte: te veel synth en te weinig gitaar. Frontman Thibault Vaninbroukx was slecht bij stem. Een nieuw nummer (iets met "guitar" in de titel) klonk alsof the Galacticos in een kwade dronk zichzelf te kakken zetten. Zelfs het
Ghostbuster-intermezzo, anders een hoogtepunt van publieksparticipatie, sloeg totaal niet aan. Enkel tijdens
Humble Crumble kwamen de heren een beetje op gang. Helaas was dat het voorlaatste nummer en alzo het begin van het einde. By far het slechtste Galacticos-optreden dat ik al heb gezien.
Hey, Geert Simonis, ging je niet uitleggen waarom de zaterdag episch, legendarisch en fabelachtig was? Inderdaad ja, daar ging ik net toe komen. Soms zit geluk in kleine dingen, soms zit geluk in grote dingen. Stick with me tijdens het volgende lijstje, motherfuckers.
Ik lees op de bus naar Limburg de eerste vijftig pagina's van Hoe Ik Nimmer De Ronde Van Frankrijk Voor Min-Twaalfjarigen Won (En Dat Het Me Spijt) van Ivo Victoria. Reeds op de tweede pagina heb ik tranen in de ogen. Van ontroering. Niet van het lachen.
Thuisgekomen blijkt op Twitter alles te draaien rond #oneletteroffmovies. Hobocop, Citizen Kanye et cetera. U begrijpt het concept wel. Ik doe enthousiast mee (Aging Bull) maar besef al snel dat ik om werkelijk origineel te zijn de dingen dichter bij huis moet zoeken. Dus lanceer ik #oneletteroffmoviesbelgianstyle. Lucht. Zagen Zonder Lief. Het Gazon Van Paemel. Soms kan ik mezelf ongelofelijk grappig vinden.
Een paar uur later. Onderweg naar Neerpelt stoppen broerlief en ik even bij de
grootoudjes. Ik krijg een stukje cake. Ongelofelijk lekkere cake.
Te Neerpelt verklaart Floris van Team William op een gegeven ogenblik dat aan het volgende nummer een wedstrijd om ter slechtst dansen verbonden is. De winnaar mag naar huis met hun CD. Ik raap de handschoen op als een munstuk van twee cent en zet een stap naar voren. Als enige. Al snel doe ik
wat ik altijd doe als ik dans met het verschil dat er een kleine honderd man naar me kijkt. De bassist en toetsenist van Team William verklaren mij hun respect. Pas halverwege duikt er concurrentie op. Twee grietjes beginnen te slowen. Niet eens op een slechte manier. Ik mosh hen aan de kant. De concurrentie verdwijnt als een lief in de nacht. Na het optreden ga ik mijn prijs ophalen. Bij de debriefing verklaart Daniël Mandelbaum dat het nog slechter had gekund, nog minder in de maat. Daniël heeft gelijk. Debriefings zijn belangrijk.
Na Team William loop ik een kerel tegen het lijf
die ik enkele weken geleden in Leuven de weg heb getoond naar de Dulci. Hij was toen al aardig zat en vertelde me over zijn problematisch liefdesleven. Soms luchten zo'n dingen op. Ik leverde hem destijds af bij de Dulci en ging zelf heroïsch ten onder in een potje poker. (Als ik het mij goed herinner toch.) Zaterdag herkende de kerel mij maar hebben we niet lang gesproken. Mannen moeten niet constant bijpraten. Zeker niet als ze elkaar nauwelijks kennen.
Even later zitten Daniël Mandelbaum, professor Rötelflöt en ik op een bankje in de hal. Op een TV wordt via een laptop wat info over heel de dag getoond. De professor merkt plots mijn naam op. Mijn echte naam, that is. Blijkt dat
DEViNE Soundsystem, die voor Team William hebben gespeeld maar die broerlief en ik hebben gemist, wordt aangeprezen met een citaat van mij. Het komt uit
mijn Veto-stuk over het Interfacultair songfestival. Bonuspunten: ik word omschreven als "muziekjournalist."
Achteraf nemen we plaats in café de Volksmacht, waar de drank gastvrij is en de vrouwen goedkoop. Of omgekeerd. Twee Hapkins later trekken broerlief en ik naar huis waar de slaap zich ontvouwt boven mijn pistolet met kip cocktail.
Sommige dagen zijn episch, legendarisch en fabelachtig van het eerste ochtendlicht tot de laatste nachtelijke pistolet met kip cocktail. Van de allerbeste dagen - hoe zeldzaam die ook mogen zijn - besef ik dat op het moment zelf. Uit zo'n dagen puur ik gemakkelijk een volledig hoofdstuk van mijn weldra te verschijnen mémoires Gemaan Hennig.
Gisteren was zo een dag.
Labels: alcohol, gewaardeerd popkenner, lectuur, live, vroegerhater, zelfverheerlijking, écrivassier