De jaren tachtig was geen gemakkelijke periode om in te leven. Schijnt het. Heb ik van horen zeggen. Ik ben een kind van de jaren tachtig maar veel memories aan de periode bezit ik niet. Mijn eerste TV-herinnering is Operation Desert Storm. Soldaten in lichtbruine uniformen verstoppen zich achter een muurtje ergens in de woestijn. Iemand - mijn moeder? haar lief? Wilfried Martens? - zegt: "Morgen begint daar de oorlog." Achteraf gezien moet dat vijftien januari 1990 geweest zijn. De dag dat het zonlicht niet meer scheen. De dag het ultimatum van de geallieerden aan Saddam verliep. Genoeg TV-herinneringen! Wat is dit?
Zomergasten? Als dit inderdaad
Zomergasten is, steek er dan zeker een flard van
Het Klokhuis in.
Het Klokhuis heeft mij al geleerd wat ik weet.
Het Klokhuis heeft mij gemaakt tot de universele homo die ik pretendeer te zijn.
De jaren tachtig was geen gemakkelijke periode om in te leven. "Wie van school kwam, kon recht naar de dop," dixit mijn daddy. Tel daar de opkomst van VTM en het presidentschap van François Mitterand bij en u begrijpt waar ik heen wil. Neen, dat begrijpt u niet. Via een bruggetje dat ikzelf even niet kan vinden, wil ik gewoon zeggen dat in de jaren tachtig geweldige muziek is gemaakt. Bewijsvoering:
Nouvelle Vague. Via dat bruggetje, lieve lezer, belandt u in een vijvertje gelul over het optreden van
Aroma Di Amore in
Het Depot afgelopen zaterdag. Aroma Di Watte? Inderdaad. Korte uitleg: "Aroma Di Amore zat in 1982 in de finale van Humo's Rock Rally. Wij zijn een Nederlandstalige band, ontstaan in de nasleep van de punk. We hebben een stuk of zeven platen gemaakt en zijn er eind 1987 voor onbepaalde tijd mee opgehouden, maar we zijn nooit echt gesplit," aldus frontman Elvis Peeters in
een recent interview met - hé, wie we daar hebben -
mezelf.
Elvis Peeters kwam het podium op met trompetgeschal en meteen stortten de muren van Jericho in. Beatjes uit een laptop aangevuld met woest geram op enkele eenzame cimbalen en een inmaakketel. Een inmaakketel! Just wie vroeger! Weet u nog wat dat is, een inmaakketel? Spaarzaam doch ouderwets scherp gitaarwerk van Fred Angst. Strakke doch diepe bas van Lo Meulen. Elvis zelf op schuimbekkende voordracht en occasioneel wat trompet- of klarinetgetoeter. Aroma Di Amore stond stokstijf zijn gedeprimeerd mannetje in het niemandsland tussen Joy Division, Big Black en
Wire. Denk aan de the Kills die Kraftwerk coveren in het Nederlands.
Dit was hoogstwaarschijnlijk de beste lap rock in mijn moerstaal die ik ooit heb gezien. Het zou me trouwens niet verbazen moest
Stijntje Meuris hier het een en het ander van hebben opgestoken. Zoals Elvis manisch danste als een zombie Elvis Presley met een koffiemolen in zijn klauwen. Zoals Elvis manisch zijn teksten de microfoon in blafte als Marvin, the Paranoid Android die teveel Nietzsche heeft gelezen. Het hoogtepunt was voor mij
Mongool. Jawel, een Devocover in het Nederlands. Al lijkt dat lied steeds meer toe te behoren aan Millionaire. Gaat Millionaire nog ooit een teken van leven geven? Gaat Millionaire nog ooit laten horen hoe het met hen gaat, waar ze staan en waarover ze praten? Dat die cover het hoogste puntje was, wil geenszins zeggen dat Aroma's eigen materiaal erbij in het riet zonk. Misschien was het wel
Luc Van Ackers gastbijdrage op de gitaar die
Mongool verhief.
Diezelfde Luc Van Acker verzorgde het voorprogramma. Sowieso het meest weirde optreden dat ik al heb gezien in Het Depot. Iets dat mij instinctief meer thuis leek te horen in het
Stuk. Luc speelde solo met tapeloops en projecties en elektronica en echte instrumenten en teksten en wat al niet. Liedjes had de man echter niet bij. Het eerste euhm muziekje was een lap brullende, kolkende noise à la
SUNN O))) of
My Bloody Valentine. Mijn ballen werden op slag uit mijn broek en onderbroek geblazen.
Mijn gezelschap stond met de vingers op de oren te kijken. De rest van Luc was rustiger maar nergens conventioneel. Zo besprong mij voortdurend het vermoeden dat de man alles playbackte. Harde bewijzen ontbreken voorlopig. Harde sjankers daarentegen. Dit was meer performance art dan rock & roll, meer meta dan ironie. Ik heb uit goede bron dat Luc Van Acker een levende legende is. Laat ons hem het voordeel van de twijfel gunnen.
Na Luc kwam Aroma, zag Aroma en overwon Aroma. Dit was verpletterend goed. Toen de rook om mijn hoofd was verdwenen, hing enkel nog de walm van rottende liefde in mijn neusgaten. Tijd dat
Mokkel naar huis komt. 2009 is geen gemakkelijke periode om in te leven. Schijnt het. Heb ik van horen zeggen.