zaterdag 15 mei 2010

Sjig ,tuk ej tiu tjihcs

Mijn job moet nog beginnen en ik sleep mij al van vergadering naar vergadering. Vandaar dat het elf uur voorbij was toen Mokkel en ik gisterdag richting Molens van Orshoven slenterden voor de Vrijdagen van Braakland/ZheBilding. We passeerden een oud kot van me, mijn tweede kot in Leuven, ik heb er twee jaar gezeten. Een kotgenoot van toen heeft zich eind vorig jaar voor een trein gegooid. De eerste dode leeftijdsgenoot. Triest, al te triest. Zo triest dat ik er geen woorden voor heb. In het huis naast het oude kot was een feestje aan de gang. Ik zit nooit op de koten waar de feestjes zijn. Het lot heeft mij die route toebedeeld op de landkaart des levens en ik heb geen andere optie dan te volgen.

Rudy Trouvé zit ook nooit op de koten waar de feestjes zijn maar bij hem is dat een bewuste keuze. Hij speelt liever in een donker hoekje van een verlaten pand met zijn schildersezel, zijn gitaar of zijn piemel. Rudy Trouvé is een held van me maar geen superheld, geen Mauro Pawlowski. Dat betekent vooral dat het moeilijker is voor Rudy - ik tutoyeer hem voor het gemak - om van zijn sokkel te vallen. Hoe meer Mauro het meisjesidool wordt, hoe minder ik naar hem luister om eerlijk te zijn. Rudy was al een held voor ik een noot muziek van hem had gehoord. Wie een groepsnaam als Kiss My Jazz bedenkt moet wel geniaal zijn. (Mijn eer als gewaardeerd popkenner gebiedt mij te zeggen dat de naam Kiss My Jazz gebaseerd is op een schilderij van Jacki Billet maar toch.)

Het was laat toen we de Molens betraden. Gelukkig hebben de Vrijdagen een reputatie hoog te houden van serieus uit te lopen. We hebben het Rudy Trouvé Septet volledig gezien. Rudy op zijn rustigst. Zelden zat weemoed zo heupwiegend te knikkebollen in de ondergaande zon. Het coolste was hoe Rudy de eerste helft van Radio 1-hitje The Sound Of Our Childhood ostentatief niets deed. Verder viel op de Elko Blijweert ontbrak. Kom dat tegen! Ik dacht dat Rudy zonder Elko niet eens durfde buitenkomen. Gelukkig zorgde Sjoerd Bruil van Pawlowski voor gepaste vervanging. Tom Pintens verving iemand op de toetsen maar ik weet niet precies wie. Het Rudy Trouvé Septet: zelden klonk een depressie zo uitgelaten.

De merde met het Rudy Trouvé Septet is dat de groep door de jaren heen menig maal van naam is veranderd. Zo werd Songs & Stuff Recorded Between 1999 & 2002 simpelweg aan Rudy Trouvé toegeschreven. 2002-2003 was het Rudy Trouvé Sextet. Songs And Stuff Recorded Between 2003 and 2007 Part One was het Rudy Trouvé Septet, net zoals 2007-2009. Op dit moment staan ze in die volgorde in mijn platenkast bij de T van Trouvé, tussen Trio C Tot De Derde en een Peter Tsjaikovskicompilatie die ooit bij De Morgen zat. Klopt die rangschikking over horen de Sextet- en Septet-cd's eerder thuis bij de R van Rudy, tussen RTX en Henri Salvador? Joost Zwagerman mag het weten. Nachten kan ik mij het hoofd breken over dergelijke existentiële vragen.

Vanmiddag zat ik op de bus naar huis schuin tegenover een meisje met een zieke, zielige hond. Zijn kots dobberde in een plastieken zakje als een ten dode opgeschreven kermisgoudvis. De bus werd gekruist door een Tintin Au Congo-achtige oldtimer met een bruidspaar in. Niemand was er ziek, niemand had er gekotst. Ik zit nooit in de wagens waar de feestjes zijn. Het lot heeft mij die route toebedeeld op de landkaart des levens en ik heb geen andere optie dan te volgen.

Labels: , ,

0 Comments:

Een reactie posten

Links to this post:

Een link maken

<< Home