vrijdag 6 augustus 2010

Not every man who bears the mark of a castaway is a castaway at heart

Vroeger pakte ik geen pijnstillers. Toen ging Mokkel op congé en moest ik mijn eigen boontjes zaaien, kweken, oogsten, doppen, koken, eten, verteren, uitscheiden, vergeten. Hier zit ik nu voor mezelf te zorgen met een maag vol peulen en pillen, met een hoofd vol jazz en bijsluiters.

Tot nu toe bijgeleerd:
  • Aan de rechterachterzak van een nieuwe jeansbroek hangt een kartonnetje met het merk op. Dat haal je er best af voor je de broek aandoet anders moet je in het midden van het stadspark aan je kont beginnen prutsen.
  • Pompelmoezen zijn groter dan appelsienen. Pompelmoezen kosten minder dan appelsienen. Dat komt omdat pompelmoezen viezer smaken dan appelsienen. Het heeft geen enkele zin om drie pompelmoezen te kopen.
  • De accordeon van de straatzigeuner past best bij de uitspattingen van John Coltrane. De viool van de straatzigeuner schurkt lekker tegen de piano van Thelonius Monk aan.
  • Het bankje van het beeld van de kotmadam op de Oude Markt zit niet lekker.
  • De Smurfen komen uit Chili. De Smurfen steunden het regime van Pinochet. De Smurfen hebben bloed aan hun handen.
Nog vijf dagen voor Mokkel thuiskomt.
Bid om die minne Gods voor mijn eeuwige zaligheid.

Labels: , ,

0 Comments:

Een reactie posten

Links to this post:

Een link maken

<< Home