woensdag 25 augustus 2010

Soul brother number two

De mare gaat dat elk van ons twee raadgevers torst op de schouders. Eens iets anders dan een wereldbol. Links een duiveltje, rechts een engeltje. Bekvechten dat het klatert. Ik moet weer contrair zijn. Mijn consiglieri zijn een duiveltje en een erger duiveltje. Zij wijzen mij een levenspad aan geplaveid met slechte bedoelingen en mooie woorden.

Daarom ontwaakte ik zondag in Mechelen, dronk ik thee in Leuven en scheurde ik mijn broek aan een barbecue in Sint-Joris-Weert. De taalkampkindjes van Mokkel en Ine Benzine zongen Goeiemorgen, morgen voor mij. Misschien is Goeiemorgen, morgen gezongen door een bende minderjarige meisjes van over heel de wereld wel de nieuwe seks. Vervolgens loodsten mijn gehoornde gidsen mij naar het goddeloze Gent voor het optreden van Lenny Cohen. Een boeddhistische jood uit Canada. Dat is geeneens een echt land. Tussen het station en het Sint-Pietersplein legde ik Mokkel uit wat MILF en bingedrinken betekenen.

Een half uurtje voor showtime werd ik hals over kop bevolen mij backstage te melden. De security bracht mij naar een achterkamertje. Bonte doeken, de uitstraling van een Bedoeïenentent. Meer wierook dan zuurstof in de atmosfeer. Lenny Cohen zat in een ontspannen kleermakerszit op een dik tapijt. Hij gebaarde mij te gaan zitten en stak mij een kopje straf riekende kruidenthee toe. Na de eerste slok begon hij mijn schouders te masseren en vervolgens mijn rug. Ik lag er helemaal ontspannen bij en toen ik mij voorzichtig op mijn rug draaide, stak mijn piemel kaarsrecht de lucht in. Lenny ging langs mijn dijen langzaam naar boven en nam heel voorzichtig mijn piemeltje vast alsof het een crucifix was. Dat voelde lekker warm aan en ik voelde mijn bobbeltje groeien en kloppen in zijn grote hand.

Zodra ik leeg gemolken was, nam ik het initiatief over. Ik kwam met mijn hoofd langzaam naar beneden, zijn harde knots stond in vuur en vlam. Ik begon hem langzaam maar doordacht te pijpen op het onopgemaakte bed. Hij genoot en werd onrustig. Hij werd nog meer opgewonden toen ik hem er zachtjes bij kietelde, dan hard zoog en dan weer likte. Ik merkte aan hem dat al het bloed uit zijn hoofd ontsteeg en in zijn penis terecht kwam. Lenny spoot bijna anderhalf potje zoute yoghurt in mijn keel. Hij kleedde zich gehaast aan, wierp mij een doos tissues toe en bromde dat ik weg moest. Ik vroeg hem hoe hij zo eenzaam was geworden. Hij antwoordde niet.

Mijn blowjob had Lenny duidelijk deugd gedaan. Hij huppelde het podium op alsof hij geen vijfenzeventig was maar vijfentwintig. De volgende drie uur waren hemels gezang voor aardse zondaars. Een reinigend bad in fluwelen pracht. Wat zeg ik, een zwembad! Een meer! Een oceaan! Een overdaad. Sommige momenten droomde ik even weg alsof ik ter plekke trappelde bij het overzwemmen van het Kanaal. "It's not a crime that you're here tonight," liet Lenny weten tijdens Hallelujah maar ik had er gerust enkele jaren cel voor over gehad.

Er waren meer hoogtepuntjes dan er sletjes rondhangen in de Seven Oaks. Drie liederen die sowieso zullen passeren als de film van mijn leven wordt geprojecteerd op mijn irissen zijn The gypsy's wife, I'm your man en So long, Marianne. Minpunten waren er niet maar de veel lange solo op een vreemd snaarinstrument als intro van Who by fire had voor mij niet gehoeven. Bovendien schitterde The stranger song door afwezigheid. Stomme Lenny Cohen. Waar vind ik trouwens drie meisjes die alles wat ik zeg balsemen met hun stemmen zacht als pas gewassen wol, met hun geluid geworden onbevlektheid?

Na het afscheid van Lenny waren Mokkel en ik gans in de ban van de nacht. Cava op de straten van Sint-Amandsberg. De toekomst was moord maar een mooie moord. Lenny Cohen is een bloedgeil triootje tussen de Vader, de Zoon en de Heilige Geest en zondag was het waarlijk de dag des Heren.

Labels: , , , ,

0 Comments:

Een reactie posten

Links to this post:

Een link maken

<< Home