vrijdag 27 augustus 2010

There's crack in everything, that's how the high gets in

Ze zit links voor me op de bus van P naar Q. Dat zijn twee echte dorpen. Geen oriëntatiepunten uit een imaginair alfabet dat nog nooit van een landkaart heeft gehoord. Ze is niet mooi. Mooie meisjes nemen nooit de bus. Wat ze draagt, is te zwart om een zomerjurk te zijn en te kort om een rouwjurk te zijn. Alsof ze naar een begrafenis moet midden in de hittegolf.
Het opgebaarde lijk meurt na naar de vrieskamer van het funerarium. Twee kaarsen kunnen niet opboksen tegen de zon. Okselvijvers op het kleed van de pastoor. Een zweetrivier stroomt over zijn rug. De kerktoren, de grote zonnewijzer geeft aan hoe laat het is in dit dorp waar de tijd stil staat.
Het meisje wapent zich met twee priemen tegen een vampier. Ertussen spant ze een breiwerkje op. Een ruwe lap van diverse tinten bruin. De toekomstige sjaal zal jeuken in menige nek. Haar mond staat iets te veel open. Alsof ze pauzeert midden in een zin. Ze hervat hem pas op haar sterfbed. Het punt erachter, de laatste adem. De terminus, Q.

Labels:

0 Comments:

Een reactie posten

Links to this post:

Een link maken

<< Home