vrijdag 30 april 2010

DEdiepereDONKEREstrijkers

Met GW ben ik goed bevriend. Professor Rötelflöt is zelfs een bloedverwant van me. Verder hang ik graag met muzikanten rond. Gisterdagmiddag sprak ik kort met de cellist van Trio Portici in de C-Bib. Het enthousiasme vlamde uit zijn woorden. Een uur later sprak ik kort met de man van boyShouting in Alma 1. Hij gaf mij een flyer voor een optreden waar ik niet heen kan gaan. In de vooravond sprak ik met Frank Vander linden in de kleedkamers van het Depot. Het resultaat daarvan zal u later wel lezen. 's Avonds ben ik met Mokkel en Ine Benzine naar het De Mens gaan kijken in datzelfde Depot.

Als ik Rechten had gestudeerd, zou ik zeker en vast advocaat van de duivel geworden zijn. De Mens heeft al tien keer dezelfde plaat gemaakt en al zeshonderd keer hetzelfde optreden gegeven. Dat verwijt valt in het kwadraat te maken over de Ramones. Ik heb minstens drie keer per week vies spijt dat ik de Ramones nooit heb live gezien. Ondermeer daarom ben ik naar De Mens gegaan.

Een solide optreden met weinig dalen en hoge pieken. Elke gereserveerdheid die ik had, ging in vrijwillige ballingschap bij het horen van de eerste akkoorden van opener En In Gent. Wat ik mij nu het beste herinner zijn de hele en halve covers. Sex Verandert Alles werd versmolten met I Wanna Make It Wit Chu van Queens Of The Stone Age. Maandag werd opgezadeld met I Gotta Feeling van Black Eyed Peas. De voorlaatste bis was een zeer goede Nederlandstalige versie van Eisbär van Grauzone. De laatste bis was Irene maar dat viel natuurlijk te verwachten. Daar staat tegenover dat de liederen van de nieuwe plaat nauwelijks zijn blijven hangen. Toch ben ik er zeker van dat minstens drie van hen over vijf jaar onverslijtbare De Mensclassics zullen blijken.

Été 67 verzorgde het voorprogramma, een folky groepje Walen met brede oren. Een van hen bespeelde een glazen fles. Er werd iets van Jacques Dutronc gecoverd. Een cover heet "reprise" in het Frans. Wij reizen om te leren.

Tot later.

Labels: , ,

donderdag 29 april 2010

ikMOETdieMENSENreddenVANmezelf

Gisterdag bezocht ik het olijke duo the Black Box Revelation in het Depot. Het was zo subtiel als een kernramp in Tchernobil. Het was zo efficiënt als een Duitse herder in Lederhosen. Ik bedoel de hond, niet een inwoner van Duitsland die in het dagelijks leven schapen hoedt.



"Heb jij al ooit iets van Becket gelezen?" vroeg het ene meisje op het Hooverplein. "Ja, Endgame," antwoordde het andere meisje op het Hooverplein.

Labels: , ,

woensdag 28 april 2010

METmijnOGENdichtENmijnLICHAAMbeschutBOOTSikEENanderLEVENna

Zij: Wat voor muziek maakt Tim Vanhamel?
Ik: Lawaai.
Zij: Noise?
Ik: Nee maar wel lawaai.
Gisterdag heeft de rattenvanger Vanhamel Leuven gebrandschat, geplunderd, leeggezogen. In het Stukcafé stelde hij Eat Lions voor, zijn kersverse rabauwenbende slechts aangedreven door wodka en waanzin. Tim en ik, we go way back. Like 2002 ofzo, mijn zesde middelbaar.

Eens per jaar worden in Limburg alle pubers samengedreven om gebrandmerkt te worden als bronstige kalveren. Enterrock heet dat, traditioneel de vrijdag voor de paasvakantie. Een reusachtige rodeo in de Limburghalranch in Genk. Ik ben één keer geweest. 2002 dus. Mijn eerste keer Millionaire. Mijn eerste keer Zornik. Mijn eerste aanvaring met de flikken.

Ik kwam binnen, kocht bonnetjes en dronk een pintje. Ik kwam Pieter-Jan tegen die zich liever Pieter liet noemen. Hij had net - vraag me niet hoe - een drankbekertje vol bonnetje geript. Hij schonk mij een meer dan royaal aandeel in de buit. Twintig stuk? Dertig stuks? Wie zal het zeggen. Even was ik boos op mijzelf dat ik al bonnetjes had gekocht. Vervolgens berekende ik dat hoe meer pintjes ik dronk, hoe lager de prijs per pintje zou zijn. Logica is nooit mijn fort geweest. Breendonk daarentegen.

De schijnredenering leidde tot zuipen aan hoog tempo. Ik viel mensen lastig. Ik stelde mij aan. Ik vond alles heerlijk.Een onbekende dronkaard stelde dat ik leek op Fez van That '70s Show. Ik vond dat heerlijk. Even voor middernacht ging het licht uit in de spinnenwebbenholte die ik mijn schedel noemde.

Next thing I knew, werd ik gewekt door de flikken. Ik zat op een bankje in het park naast de Limburghal. Ik had mijn lift naar huis gemist. Ik hoopte dat de brokken kots op en rond mij van mezelf waren. Ik mocht mee in de wagen van de flikken. Ik moest wel mijn vest binnenstebuiten aandoen. Kotsvlekken in de combi waren no go in Flikkenland. Op het bureau werd ik opgesloten in een ondervraagkamer.

Moeder werd gewaarschuwd. Zij had al de halve nacht de flikken, de ziekenhuizen en de lijkenhuizen van Genk telefonisch gestalkt om info. Moeder kwam mij halen. De flikken vertelden haar dat ze niets gingen opschrijven omdat ik braaf was geweest. Ik ben een beleefde jongeman, zelfs als ik gezopen heb. Moeder duwde mij de auto in. Moeder reed niet recht naar huis. Moeder reed naar mijn grootouders om mij te etaleren als een aapje in een rolstoel op de kermis. Tot op de dag van vandaag ben ik blij dat grootmoeder nog niet wakker was. Grootvader was wel al op. Hij lachte mij een beetje uit.

Moeder reed naar huis. Eerst een bad dan een bed. Twee dagen later vertrok ik op Griekenlandreis. Maar dat is een ander verhaal. Als het al een verhaal is. Met de flikken heb ik daarna nooit veel last gehad. Mijn buurman is er een. Dan is er nog die keer dat ik met de fiets van Ine Benzine op mijn schouders het Hogeschoolplein afzakte en een flik zich daar vragen bij stelde. Zornik heb ik dat jaar nog een paar keer gezien. Al snel zag ik in dat die Koen Buyse een homosueel is. De clip van It's So Unreal draag ik nog steeds in mijn hart maar niet om muzikale redenen.

Millionaire ten slotte - eindelijk, we zijn er - is zelden weggeweest uit mijn leven. Werchters, Pukkelpops. Spectaculaire artikelen in Deng over dito aventuren in de States. De laatste keer was in de AB. Tim droeg een extravagante officierenbroek uit een vergeten oorlog. Iemand had net ingebroken in zijn wagen. Opeens was Millionaire een draad die nooit meer is opgerakeld. Oké, we hadden Creature With The Atom Brain en Tim maakte een soloplaat maar Millionaire it wasn't. Toen kwam het Absolut Band-project. Timmy Tipover recruteerde een band via internet en professor Rötelflöt mocht niet meespelen met de grote kindjes. Tim heeft de professor wel geciteerd op Twitter. Het rancune van de professor is alive and kicking op Facebook.

Maar om terug te komen op Eat Lions in het Stukcafé. Want deze brij merde sleept al lang, al te lang aan. De band zat strak. De twee drummers sloegen om ter hardst. Tim blijft de meest fascinerende frontman die Limburg ooit heeft afgeleverd. En ja, dat is Mauro meegerekend. De resulterende maaltijd was een fascinerende schotel vol strakke, harde, weirde, luide, fucked up, schizofrene noiserock. Een gerecht waarvan ik alle ingrediënten al elders en beter had gehoord. Desalniettemin heeft het gesmaakt.

You think I ain't worth a dollar but I feel like a Millionairefan.

Labels: , , , ,

maandag 26 april 2010

jeMAGhemWELheadwalkenMETmijnGROETEN

Gisterenochtend luisterde ik naar the 13th Floor Elevators. Ik was vergeten koffie te zetten. Ik at een banaan. Gisterenavond nam ik de lift naar de dertiende verdieping van het Leuvense Sint-Pietersziekenhuis voor Naast - (De Verhalen Die Wij Zijn) van het toffe gezelschap Braakland/ZheBilding.

Dit zijn de verhalen die ik gisteren was. Mieke Vogels stond langs de kant van de weg naar mijn bus te kijken. Voor mij zat een meisje de tekst van Me Gustas Tu te lezen in haar cursus Spaans. Ze was te jong voor de zilveren aders in haar zwarte haar. Later vulde ze een zelfgetekend rooster met namen van steden. Een wishlist voor haar wereldreis. Achter mij zat een meisje met een bloedneus. Naast haar zat een jongen die van Groezrock kwam. Hij was boos op Groezrock omdat Sum41 gesuckt had. Hij was boos op de buschauffeur omdat de muziek stiller moest.

Het eerste uur van Naast kon mij niet boeien. Braakland by numbers. Weeral een loner die weeral 's nachts dingen doet waar de goegemeente weeral op neerkeek. Weeral muziek die weeral moeilijk te duiden viel. Sara Vertongen speelde weeral de tekst. Gerrit Valckenaers speelde weeral de muziek.

Het laatste kwartier greep mij bij de kraag. Opende de bovende knoopjes van mijn hemd. Opende mijn borstkas. Plukte mijn hart van tussen mijn ribben. Toonde mij mijn hart net voor ik stierf. Ik werd er stil van, er duizend maal stil van

Mokkel en ik verkozen achteraf de trappen boven de lift.
285.

Labels: ,

zaterdag 24 april 2010

VIOLENTcopBOILINGpoint

Vleugel F serveerde gisterdag vijgen na Pasen en daar kwamen vijftigduizend dichters op af. Dringen aan de achterdeur. Zweethanden. Goedkope t-shirts. Maling aan het nachtelijk drankverbod. Benieuwd naar bands met sexy namen.

Okon & the Movement bijvoorbeeld. Een bandje dat een master na master in steriele funk studeert. Meer dan oké grooves maar crappy liedjes. Inclusief waardeloze cover van Funkin' For Jamaica van Tom Browne dat u en ik kennen omdat Mariah Carey het sampelde in haar Don't Stop (Funkin' 4 Jamaica).

Six Hands evoceerde een brute verkrachting door een meedogenloze militaire junta. De proefdieren werden volledig gek, verloren hun fantasie. Een coherente bundel kwaliteit. Ik bekogelde Six Hands met paaseieren.

Ik wandelde weg, een ziel op zoek naar genegenheid. Ik liep een stukje op met een onbekende man. Ik wenste hem tot afscheid een veilige avond toe. Hij apprecieerde dat. Ik hoopte dat het woensdag vijf mei zou regenen op een immense replica van Parijs. Scènes zonder speciale effecten. Een Bicky Burger koelt af in Brussel, het nieuwe Mechelen. Ik haat Mechelen.

Labels: ,

vrijdag 23 april 2010

goedeWILisALTIJDknullig

These boys drink too much

Ik zeg niet dat de geschiedenis zich herhaalt maar de geschiedenis herhaalt zich. Tweeënhalf jaar geleden ging ik naar the Van Jets in het Depot. Voorprogramma was the Black Box Revelation. Die waren net tweede geworden in Humo's Rock Rally met een aardige portie bluesrock. Gisterdag ging ik naar the Van Jets in het Depot. Voorprogramma was the Sore Losers. Die zijn net tweede geworden in Humo's Rock Rally met een aardige portie bluesrock. Ik zeg niet dat de geschiedenis zich herhaalt maar de geschiedenis herhaalt zich.

Zowel the Van Jets als the Sore Losers gaven aardig van katoen. The Sore Losers coverden Moonage Daydream van David Bowie. Ik vond dat grappig. Enerzijds omdat the Sore Losers eerder al It Ain't Easy coverden dat net zoals Moonage Daydream op The Rise And Fall Of Ziggy Stardust And The Spiders From Mars staat. Anderzijds omdat the Van Jets Moonage Daydream drie jaar geleden op Vadermoord gecoverd hebben. Ze vertelden er toen bij dat Moonage Daydream het favoriete nummer of de favoriete gitaarsolo of zoiets van Willy Willy is. Onlangs las ik in Humo dat de gitarist van the Sore Losers - die ene die vroeger in El Guapo Stuntteam zat - een gitaar van Willy Willy heeft gekocht. Ik vind zo'n dingen grappig ja. Ik zeg niet dat de geschiedenis zich herhaalt maar de geschiedenis herhaalt zich.

Ik verliet het Depot en zocht Mokkel. Mokkel was druk bezig met nagerechtjes dus ik zocht het Stukcafé op. Daar speelde Louisa's Daughter, het groepje rond de immer vurrukkulluku Liesa Van der Aa. Minder leuk dan Liesa solo maar ik wilde nog steeds een beetje met haar trouwen. Het leukste zootje chaos sinds Moondog Jr. van naam moest veranderen. "I fel asleep with my make-up on," zong Liesa. Eerder die dag zag ik een meisje joggen met oogschaduw op. Hoopte ze in het stadspark de man van haar leven te treffen of vond ze het niet de moeite zich af te schminken voor het joggen? Ik dronk een Duvel en ik dronk er twee. Ik at een fortune cookie dat orakelde: "Door uw vaardigheid wordt er orde op zaken gesteld." Ik ging slapen en toen ik wakker werd bestond België nog steeds. Ik zeg niet dat de geschiedenis zich herhaalt maar de geschiedenis herhaalt zich.

These boys, they believe too much

Labels: , , ,

donderdag 22 april 2010

IVORYpiercedEARRINGSgaletLIGHTamethystPIERCEDgloriaLIGHTsapphireSET

Toen Admiral Freebee op Pasen in de AB speelde, vond ik het niet goed. Sindsdien heb ik immens veel gepiekerd of dat nu aan hem lag of aan mij. Gisterdag ben ik het gaan dubbelchecken in het Depot.

Het was een beter optreden omdat de Admiraal klasbakken als Einstein Brain, Rags & Run, Oh Darkness en Ever Present niet op stal liet. Toch had ik de indruk dat die klasbakken ooit sprankelender hebben geklonken. En plus voel ik mij nog steeds niet geroepen om 's mans nieuwste te beluisteren.

Het ligt aan jou, Admiraal, niet aan mij. Nu weet ik het zeker.

Labels: , ,

woensdag 21 april 2010

MIJNbroerWASbangVANdeTUINSLANG

Mama, Mama, Mama, nu zijn we allemaal gek geworden!

Gisteren ging ik met de bus naar Gent. Op de heenweg las ik de Humo. Op de terugweg deed ik een dutje. Sander en Mokkel en ik en nog andere mensen die wij een beetje of veel kennen gingen naar Dyonisia, een toneelstrijdkamp voor studenten Klassieke Talen of zoiets.

Doe Het Met Flair
was het stuk van de Leuvense delegatie. Van een dansje op Cell Block Tango kreeg ik veel goesting om Chicago nog eens te kijken. Van de rest van het stuk vroeg ik mij vooral af wat Woody Allen ermee zou doen.

Smog
was het stuk van de Antwerpse delegatie. Een warrig verhaal, een mooi meisje, een absurd, al te absurd einde. Wat Woody Allen hiermee zou doen, laat mij volledig koud.

Labels: ,

dinsdag 20 april 2010

San f. yezerskiy does sloppy seconds

Vrijdag zestien april anno Domini MMX.
Of: In De Staat Van Narcose.

Het is ochtend. Ik slaap op mijn kot tot Mokkel binnenkomt en mij wekt. Het is bijna middag. Ik geef plasma op Gasthuisberg en de zetels zijn zo goed dat ik in slaap zou kunnen vallen. Het is avond. Ik kijk hoe the Sedan Vault zweverige geluidjes maakt in Cinema Zed. Ik doe een klein, fijn dutje. Het is later op de avond. Ik kijk hoe Willow meisjesharten verovert in het Stukcafé. Ik zou liever slapen. Het is nog later op de avond. Mauro Pawlowski gaat draaien in datzelfde Stukcafé. Ik ga slapen.

Labels: , ,

maandag 19 april 2010

Tom de latte can't swim

Dit is een kort overzicht van de aardige dingen die in onze tijd zijn voorgevallen.

"Wat je op een blog schrijft, is normaal gezien niet bestemd voor een eeuwigheid," aldus Jos Ghysen in de Humo van deze week. Wie ben ik om hem tegen te spreken? Het is een paradox zo mooi als Teri Hatcher: hoe geavanceerder een medium hoe korter zijn omlooptijd. Met een diskette van tien jaar terug kan niemand iets aanvangen. Papier gaat honderdvijftig jaar mee, perkament tien maal zo lang. Wat een barbaar vijfduizend jaar geleden in een rotswand heeft gehakt, staat daar over vijfduizend jaar nog steeds. Misschien wat meer afgesleten door storm en tegenweer maar het zal er nog steeds staan.

Volledig los daarvan faal ik in alles wat ik onderneem. Donderdag vijftien april bijvoorbeeld ben ik voor de tweede maal gebuisd op mijn praktisch rijexamen. Ooit schrijf ik een boek over mijn leven. Ik zal het Nietsnut noemen. Ik zal het uitgeven op vergankelijk, al te vergankelijk papier. Iedereen zal poneren dat het boek op niets trekt. Ze zullen gelijk hebben. Ik ben nuttelozer dan een kettingzaag in een afgebrand woud op het hoogtepunt van de oliecrisis.

Nauwelijks was ik gebuisd of de alcohol daalde neder als een parachutist in mijn ingewanden. Ik haatte mezelf en die gedachte schoot duizend kleine pijltjes in de binnenkant van mijn huid. Ik had afleiding nodig en dat is moeilijk te vinden in Limburg. Op de bus sliep ik als een clochard, op de trein at ik een banaan als een atleet. In Brussel trof ik GW, in de AB trof ik punk.

Belgian Asociality hadden we net gemist. Daar waren we niet rouwig om. Bij the Kids waagde ik mij in de pit. Ik werd ineen geramd langs alle kanten tot een levensloze homp vlees overbleef. Ik werd gedoopt met lauw bier, ijskoud spuug en gloeiend zweet. Toen ik recht stond, was ik een nieuwe mens. Het te jonge, te blonde meisje met het te korte rokje heb ik te vaak betast. Een dik jaar geleden was ik the Kids beu gezien. Nu weet ik dat eens per jaar the Kids een must is om gezond te blijven van lijf en leden, van geest en gedachten, van eeuwige pen en vergankelijk papier.

Headliner was Funeral Dress. Funeral Dress is namelijk vijfentwintig jaar oud. Dat maakt mij ouder dan Funeral Dress. Die gedachte deprimeert mij als een clochard. Die gedachte beurt mij op als een atleet. Cops Are No Human Beings aldus Funeral Dress en een piepjong meisje met een perfecte beugelglimlach brulde het overtuigd mee. Ik zal eerlijk zijn. Mijn buurman is er zo eentje. Een blauwe. Een snor. Een klikker. Als ik hem tegenkom, groet ik hem vriendelijk. Eens per jaar barbecue ik met hem. Eigenlijk ben ik een rat. Eigenlijk ben ik geen punk. Eigenlijk ben ik een nietsnut.

Achteraf trof ik een man die niet kan zwemmen. We namen de trein naar Leuven en wat daar gebeurd is, zijn uw zaken niet.

Labels: , , , ,

zondag 18 april 2010

Family chess violence

Dit is de droom die ik dinsdag droomde. Ik was een trapper en ik betaalde duizend pelsen voor een nacht met Pocahontas, voor een kans te ontdekken hoe zij zich voelt.

Ik doorkruiste de Far West op zoek naar vertier. In een door God en gebod verlaten spookdorp trof ik een uit Rusland geëmigreerde tenderfoot. Het ijzeren paard bracht ons naar een echte stad. Groot. Dichtbevolkt. Gevaarlijk. De tocht door de Sierra Madre duurde eindeloos. Coyotes zochten schaduw en water, lommer en vocht.

Nauwelijks had ik enig stof doen opwaaien in de echte stad of ik werd opgelicht door een ijsjesventer. Ik loste twee schoten op zijn voeten en hij danste van de pijn. Daar moest ik om lachen. Toen ik hem dreigend bekeek, had de tenderfoot geen andere keuze dan te lachen. We gingen naar een squaredanceavond in het bovenzaaltje van een grote saloon.

De eerste act was Laura Dockrill, een vreemdgekapte squaw die zich getooid had in oorlogskleuren. Haar woorden waren droog en wild en opzwepend. Haar act was wild en opzwepend. Haar haar was enkel opzwepend.

De tweede act was B. Dolan, een brede mijnwerker. Hij droeg een sjamanenmasker dat mij schrik aanjoeg maar hij zette het snel af. Hij brulde teksten over andermans muziek. Jefferson Starship, DJ Shadow, ... The works.

De derde act was het meisje van de eerste act. Overmand door geilheid en whisky beklom ik het podium om haar te betasten. Dat mocht van haar. Dat apprecieerde ik.

De afsluiter van de avond was het befaamd country & western-gezelschap Dan Le Sac Vs. Scroobius Pip. Tenderfoot en ik hebben gedanst. Tenderfoot en ik hebben gelachen. Tenderfoot en ik hebben gehuild bij net iets teveel liederen over zelfmoord en miserie.

De postkoets bracht mij naar mijn hotel. Vermoeid nam ik de sporen van mijn laarzen. Ik dronk een laatse whisky en was de menselijke taal beu na een avond met zoveel woorden. Ik luisterde nog even naar instrumentale muziek en zocht de slaap der onschuldigen op.

Toen ik wakker werd, was het Wilde Westen ver weg.

Labels: , , ,

zaterdag 17 april 2010

Ik ga door

(Door luiheid, lethargie en andere woorden die met een L beginnen, heb ik Onderhond een kleine week lang verwaarloosd. Ik heb pertang plenty ervaringen gedaan en plenty dingen ervaren. Heb geen schrik: ik ga alles inhalen. Als u nu denkt: "waar heeft die man het over?", houden zo! We hervatten ons verhaal bij afgelopen maandag, maandag twaalf april.)
Het was zaterdag en professor Rötelflöt sms'te mij: "Wacht tot maandag. Ik leer je wat mannenliefde is." Het was zondag en ik zat op de bus met professor Rötelflöt. Een randdebiel met een jaren tachtig hardrockpaardenstaartje viel de bus aan. De bus chauffeur beheild zijn cool, de buschauffeur verdiende mijn respect. Het was maandag en ik trof professor Rötelflöt voor de poorten van de AB. Hij ging me leren wat mannenliefde is.
Ter voorbereiding had ik mijn anus gebleekt en mijn ballen geschoren. Ik had een week niet gemasturbeerd om een volle zak zaadcellen te kunnen plengen op het altaar van professor Rötelflöt. Ik heb maandag veel geleerd over mannenliefde. Ik heb de professor gezworen over alles te zwijgen. Behalve over muziek uiteraard. We waren daar voor Domino, het was te doen in de club. We, dat is de professor, zijn wederhelft et moi.
Kapitan Korsakov opende. Een hippe Jezus met twee apostelen. Ideale muziek om een varken bij te liefkozen. Ideale muziek om bij valavond langzaam achterwaarts van een hoge klif te moonwalken.
And So I Watch You From Afar volgde. Geluid geworden lepra. Ideale muziek om bij te zieltogen in een diepe kloof net voor je sterft. Bij het laatste nummer haalde de kleine gitarist twee dames het podium op om te dansen. De linkse was een dikke.
Crystal Antlers headlinede. Ik had het weirdste van de avond verwacht maar het bleek net het meest toegankelijke. Denk aan hippies die anno 1968 in een trip zijn blijven steken. Denk aan the Brian Jonestown Massacre in een verzoenende bui. Denk aan mij. Woorden zijn overbodig. De heren hadden foute snorren, een meisje met een orgel en een flamboyante neger met een klein trommeltje. Talrijke technische problemen zie ik met plezier door de vingers maar uiteindelijk werd ik pas echt wakker bij een toffe koffer van It's All Over Now, Baby Blue.
En toen was het allemaal voorbij, schatje blauw.

Labels: , , ,

zondag 11 april 2010

Als ik leeg

Been burned and with both feet on the ground
Zet mij aan een tafel met een bord spaghetti bolognaise en ik maak vlekken. Ik mag een servet dragen ter grootte van een Carthaagse akker, toch maak ik vlekken. Ik mag voorzichtiger zijn dan een mier in een dierentuin, toch maak ik vlekken. U zal mij dus niet in een verduisterde Kinepolis aantreffen met een bord slierten in lauwe ketchup.
I learned that it's painful comin' down
Los daarvan ben ik gisterdag te Depot gaan testen of ik al bekomen was van mijn overdosis Depot. De betekenisloze non-muzikant GW stond mij bij als consigliere. Hij is een goede kerel maar hij is geen Siciliaan. "(GW) is rock 'n' roll, dat weet je. Ik ben meer een schatje," aldus San F. Yezerskiy over GW en over zichzelf. "Wacht tot maandag. Ik leer je wat mannenliefde is," aldus professor Rötelflöt over GW, over mij en over zichzelf.
No use runnin' away
Op de affiche stond een aardige portie stoner met dank aan de olijke lieden van Orange Factory. Ik had kersverse oordoppen gescoord bij de gemeente Hechtel-Eksel. De avond was iets tussen een nachtmerrie, een hengstenbal en een gelyncht veulen in. Het was de luidste avond van heel de wereld, een appendix bij de apocalyps. Ik zag weirdos en beardos. Ik zag een ouderwetse hanekampunker. Ik zag een meisje met haar zo lang dat ze haar kat ermee kan afkuisen.
And there's no time left to stay
SardoniS was zo zwaar als een mokerhamer van zuiver lood. De gitarist droeg een t-shirt van Motörhead, de drummer eentje van Pentagram. Je zou over dit duo kunnen zeggen dat ze een eigen sound hebben. Dat is dan een eufemisme voor: alle nummers leken op elkaar. SardoniS speelden bovendien een kwartier te lang naar mijn goesting.
Now I'm findin' out that it's so confusin'
Year Long Disaster speelde vervolgens een erg korte maar erg krachtige set, nukkig en baldadig. Dit powertrio beschikte bovendien over echte liedjes. Die werden met jamstukken aangevuld tot er een perfecte balans bestond tussen beide componenten. De bassist droeg een t-shirt met L.A. op, de drummer zijn blote bast, de gitarist een mooi zwart hemd. Die gitarist is Daniel Davies, de zoon van Dave Davies van the Kinks maar dat heeft u niet van mij.
No time left and I know I'm losin'
Karma To Burn is uiterst geschikt om een volwassen regenwoud af te fikken. Een ideale soundtrack voor een verschroeide aarde-campagne. De bassist was die tiep van Year Long Disaster. De drummer leek op Charles Manson en droeg een effen zwart t-shirt maar speelde dat na het eerste nummer al kwijt. De gitarist droeg iets doodskopsachtig op zijn shirt. Karma To Burn was superzware instrumentale shizzle. Daardoor leek alles na een dik kwartier op elkaar. Daardoor zonk de moed mij in de schoenen. Daardoor waren de enkele echte liedjes van meneer Davies van Year Long Disaster op zang een welkom verademing.
Flashed and I think I'm fallin' down
Ikzelf droeg overigens een wit t-shirt waarvan het logo van De Ploter in Ternat al lang geleden af is gewassen. GW droeg een olijfgroen shirt met een infantiele, obscene tekening die vrouwen verlaagt tot objecten. We namen nog een pintje voor onderweg en dwaalden drinkend door de straten van Tobbackgrad. In het centrum kreeg ik een knipoog van het mysterieuze Maartje. Dat klinkt als de titel van een Suske En Wiske. Dat is pertang niet de titel van een Suske En Wiske. Ik sliep achteraf beter dan duizend koningen op hun huwelijksnacht.
Crashed and my ears can't hear a sound

Labels: , , ,

woensdag 7 april 2010

Ben ik heb

Jij bent Geert Simonis en ik ken jou.

Jij volgt rijlessen want jij wil jouw rijbewijs halen. Jij volgt die rijlessen in Noord-Limburg want rijlessen in Leuven hebben de neiging niet zo'n succes te zijn. Jij zit een kleine week in Noord-Limburg. De lege uren tussen de rijlessen door vul jij met muziek luisteren en crap schrijven.

Vandaag ga jij voor jouw moeder naar de winkel, de C&B in Peer. Winkelen voor jouw moeder wil zeggen dat jij niet alleen een boodschappenlijstje meekrijgt maar ook een spaarkaart en een tiet kortingsbonnen. Vijftig cent minder voor een pakske koekskes, dat soort dingen. Jij struint tussen de rekken door op zoek naar exact de juiste boter en exact de juiste chocolade.

Dat voelt ongemakkelijk. Dat voelt burgerlijk. Dat voelt kleinburgerlijk. Tegelijkertijd voel jij schaamte voor die gevoelens want bohémien ben jij enkel in jouw dromen. Nog een geluk dat jij de veel te grote, veel te bonte boodschappentas van jouw moeder weigerde mee te nemen. Een kartonnen doos waar ooit pasta in zat, is uiteindelijk net zo handig.

Aan de kassa schuif jij aan achter een mevrouw met twee kinderen. De mevrouw koopt vlees en pudding en jij bent een klein beetje jaloers op haar man. Haar kleinste kind draagt een trui van Batman en jij bent een klein beetje jaloers op dat kindje.

Voor de C&B ga jij even langs bij de Post om een CD'tje te versturen naar een meisje in een ander land. Als jij terug buiten staat, wil jij per sé weten waarom loketmensen van de Post jou altijd meer postzegels willen aansmeren dan jij er wil. Na de C&B fiets jij naar huis en de zon schijnt.

Jij bent Geert Simonis en ik ken jou.

Labels: , ,

dinsdag 6 april 2010

De juiste persoon

I

De foto's zijn van broerlief Jarnie Jar Jar. Dan weet u dat meteen.

II

Ik ga iemand citeren die mij citeert. Of zoiets. "Er gaat niets boven de goed bewaarde geheimen der popmuziek die, vies van elk mainstream succes, duistere achterzalen plezieren met memorabele optredens. Zeg dat Geert Janssen het gezegd heeft," orakelt Philip Gallasz in het recentste nummer van het veelgelezen Leuvense studentenblad Veto. Philip is een jonge hond die een meer dan aardig stukje kan schrijven. Zijn shoutout maakt mij vrolijk. Ik kan mij het citaat niet herinneren maar het klinkt pompeus genoeg om uit mijn keelgat gerold te zijn.

III

Volgende week loopt te Stuk wederom het Support Your Local Scene-minifestivalletje. Strikt genomen is mijn local scene nog steeds de uithoek also known as Noord-Limburg. Gisterdag, paasmaandag heb ik mijn local scene zo hard gesupport dat hij "au" zei. Dat gebeurde helaas niet in een duistere achterzaal, dat gebeurde in een kelder in Hechtel.

IV

It Takes Two To Tango maakte een dikke tien minuten noise. Een drummer en een gitarist maar halverweg werden de rollen omgekeerd en toen werd alles nog onduidelijker. Het was kort en leuk en vreemd maar verder leek het totaal niet op mijn piemel.


Alufa betekent "heerser" in het Hebreeuws. Er is maar één taal cooler dan het Hebreeuws en dat is het Jiddisch. Postrock, shoegaze, surf: wie bedenkt zo'n termen eigenlijk? Ik zei de gitarist achteraf dat hij het volgens mij ver gaat brengen. Hij moest zo hard lachen dat er bier uit zijn neus droop. Cara als ik me niet vergis.

Wendy zijn drie Duitse mannen en een Duits meisje maar dat Duits meisje heet niet Wendy. Geert Simonis verward. Leuke kaduke popsongs met een heerlijk orgeltje.


La Garde De Nuit zijn vier mannen uit Leopolsburg met tatouages enzo. Zij spelen het posthardcore ding à la Amenra enzo maar houden het toegankelijk dankzij verrassend licht drumwerk.


V

Dat de avond eindigde in een bordeel houd ik beter voor mezelf.

VI

Vroeger was ik een hatertje dat postrockertjes aan het huilen bracht en met de resterende tranen zijn belladonna begoot opdat die nog bitterder zou zijn. Tijden veranderen misschien toch. Ik verander misschien toch.

Labels: , , , ,

maandag 5 april 2010

Gekozen een sluwe

"Her looks, my language, it fits like peas and carrots / But she prefers to go home with the faggots," kloeg Admiral Freebee ooit en sindsdien draag ik die regel mee in mijn ziel. Gisterdag ben ik nog eens naar Freebee gaan kijken. Vroeger vond ik hem geweldig maar gisterdag niet meer. Zo word ik langzaam, al te langzaam volwassen, de ene ontgoocheling na de andere.

Ik ben een gewoontedier. Ik slijt mijn zolen op steeds dezelfde paden. Ik knoop mijn veters in steeds dezelfde lussen. Ik rangschik mijn woorden in steeds dezelfde concertbesprekingen. Paasdag vorig jaar trok ik richting AB. Paasdag gisterdag trok ik richting AB. Voor de Admiraal dus. We go like way back.

Ik ben achttien en ik zit op de KUB. Ik ga naar de CD-voorstelling van de eersteling van Freebee in de club van de AB. Hij rockt mij van mijn sokken. Achteraf ga ik naar een fuif. Ik doe een aanzoek bij een meisje dat mij afwijst. Ik vind dat eigenlijk niet zo erg en word straalbezopen. Dat weekend beroof ik een oud vrouwtje in een donker straatje. Met de opbrengst koop ik de eersteling van Freebee. Ik pluk een oud kostuumjasje uit vaders kast en draag het maanden aan een stuk tot afgrijzen van mijn moeder.

De Admiraal ben ik nog een paar keer tegen het lijf gelopen. Twee Werchters, nog een AB, een keer in Strombeek of all places. Toen werd het stil tussen Freebee en mij. Hij bracht een derde plaat uit die ik niet kocht. Hij speelde concerten die ik niet bezocht. Nu is nummer vier er: The Honey & The Knife. "Jaren tachtig Rolling Stones," schreeuwt de pers.

Ik heb hoegenaamd niets met de Stones. Ik heb hoegenaamd nog minder met de jaren tachtig Stones. Geen idee wat ik er mij bij moet voorstellen. Mijn favo Stonesnummer is Let's Spend The Nigh Together, zegt dat genoeg? Ja, dat zegt genoeg. Laat ons er voor het gemak stellen dat Freebee zijn nieuweling semi-volledig gespeeld heeft. In dat geval heb ik niets gehoord dat mij aanzet om The Honey & The Knife op mijn boodschappenlijstje te kribbelen naast de tandpasta en de anal lube.

Twee nummers zijn blijven hangen. My Hippie Ain't Hip, groovy blueshop met een heerlijk basduel tussen de Admiraal en Flip Kowlier. Flip Kowlier speelt namelijk bas bij Admiral Freebee. 't Zal de rekeningen betalen en lauwe reggae niet, zeker? Op gitaar was 't Bjorn Eriksson van Zita Swoon trouwens. Er waren ook twee onbekenden bij. Ik keek met lede ogen toe. Tweede memorabele nummer was Freebees poging tot standard Fools Like Us, incusief inleidend vertelseltje over 's mans bompa.

Verder werden verdacht weinig classics gespeeld. Of het moet zijn dat er royaal gegraaid werd uit Wild Dreams Of New beginnings die ik zoals gezegd niet heb gekocht en niet ken. De Admiraal weigerde duidelijk een greatest hitsset te placeren en daar huldig ik hem voor. Get Out Of Town - het lied met de vijf regels waar ik mijn leven rond poog te bouwen - had een heerlijk pianostuk en een mak gitaarstuk. Admiral For President was voor mij het hoogtepunt.

De rest van het publiek vrat alles op als een straathond na een dieetweek. Waarschijnlijk ben ik Admiral Freebee ontgroeid. Jeugdliefdes mag je nooit herbezoeken. Zie ook: Absynthe Minded in het Depot afgelopen november. Laat ons positief eindigen, laat ons Freebee een allerlaatste maal met Neil Young vergelijken. Puur mathematisch gezien heeft de Admiraal net zijn Harvest afgeleverd. Logischerwijs moet er nu een ditch trilogy volgen. Daar kijk ik naar uit. Admiral Freebee: tot ooit!

Voorprogramma was Few Bits, een aardig meisje met blonde liedjes. Of omgekeerd. In de ideale wereld zou ze mij elke morgen wakker zingen. Zelfs in die ideale wereld zou ik na drie tellen loeihard op snooze meppen.

Labels: , , ,

zondag 4 april 2010

Vos mijn zus

Geert Simonis heeft twee boeken gelezen de afgelopen maand. Die maand heette maart. Die boeken heetten:
Geert Simonis heeft geen enkele film gekeken de afgelopen maand. Klopt dat wel? Kan dat kloppen? Wel schiet er over:
  • Seizoen 2 (2007) van Rome
Geert Simonis heeft een mevrouw verkozen tot neger van de afgelopen maand. Die maand heette maart. De mevrouw heet Dee Dee Bridgewater.

Labels: , , ,

zaterdag 3 april 2010

Verklaart me volledig

Hij: "Wat is 't vanavond?"
Ik: "Stijn Meuris."
Hij: "Die van 't heelal?"
Ik: "Ja, maar niet die met de rolstoel."
Conversaties met Big Nasty J. zijn de beste conversaties.
Ik schoot wakker uit een busdutje en zag een man in een kamerjas. Hij gaf op alles wat hij zag dezelfde commentaar: "C'est pas grave." Hij had waarschijnlijk gelijk. Toen de chauffeur hem tot stilte aanmaande, veranderde zijn lied: "Vous êtes sympathique. Le Seigneur soit avec vous." De man in de kamerjas was een profeet.
Stijn Meuris dus. donderdag in de AB. Meuris. Monza 2.0. Noordkaap 3.0. Wat zit er überhaupt in een naam? Stijn did a Stijn thing in a Stijn kind of way.
Vergeet alles wat u hebt gelezen over extreme make overs van oude liedjes. Het viel allemaal best mee. Wat minder toetsen, wat meer gitaar of net omgekeerd. Uitzonderlijk ging Stijn kopje onder (Druk In Leuven) maar meestal surfte hij succesvol over zijn publiek heen. Een publiek dat al lang blij was dat de man Noordkaapnummers speelde. Op drie na enkel Noordkaapnummers zelfs. Ik geef toe. Ik heb heel hard meegezongen. Ik schaam mij daar nauwelijks voor. Noorkaap en ik: we go way back.
Lang geleden pestte ik mijn broertje door Arme Joe om te buigen tot Arne Joe. Toen wist ik nog niet dat het een nummer van Will Tura was. Minder lang geleden zag ik de afscheidstournee van Noordkaap in Het Poorthuis in Peer. Het enige dat ik mij daar nog van herinner is Goed Nieuws Voor Slechte Mensen als allerlaatste bis. Ten slotte is er nog het hardnekkige familieverhaal dat mijn jongste nonkel nog met Stijn in de klas heeft gezeten. Noordkaap en ik: we go way back.
Wie Stijn Meuris nooit afkon, zal nu niet meer overtuigd worden. Al de rest mag blij zijn dat er een pheonix is herrezen uit de assen van Monza. Ik ben nu al benieuwd naar Stijns volgende stap. Tot het zo ver is geniet ik van zijn huidige pas. Ondertussen heeft Spectrum al een paar toertjes mogen draaien ten huize Mokkel. Ik kan enkel zeggen dat de make overs daar iets verder gaan dan live. Anderzijds blijft Druk In Leuven daar wel overeind.
Voorprogramma was boyShouting. U weet wel die kerel van COEM die honderd dagen van zijn leven verkocht om liedjes te schrijven voor mensen. (Niet te verwarren met het "ik trek een jaar rond met de fiets"-project van The Bear That Wasn't.) Ik heb COEM lang geleden zien openen voor de Mark Lanegan Band in diezelfde AB. Ik weet enkel nog dat ik later die avond heel dronken was en een meisje dat Eva heet, beledigd heb.

boyShouting had een mooi kostuum, een paar instrumenten en een loopstation. Zo was hij zijn eigen band. Vroeger waren one man bands van die types met een basdrum op de rug en cimbalen op de knieën. Tijden veranderen. boyShouting had charmante liedjes en deelde rode wijn uit. Zo heb ik mijn Limburgers graag. Was ik zelf maar zo'n Limburger.

Labels: , , ,

donderdag 1 april 2010

Gek dat is

De Verlichting heeft bij mij een gevoelige snaar geraakt. Ik strompel als atheïst door het leven. In het weekend zelfs als agnost. Toch durf ik soms een gebedje te prevelen. In het holst van de nacht, na het poetsen der tanden en het kammen der haren richt ik mij tot Mauro Antonio Pawlowksi, Mauro voor de vrienden, God voor het plebs.

Ik smeek hem om wereldvrede, goede examens en oneindig veel verschroeiende lappen hemelse rock. Op dat laatste vlak stelt hij me zelden teleur. Solo, met de Evil Superstars of met dEUS: Mauro heeft hoofden doen ontploffen en podio doen affikken. Daarnaast hinkstapspringt hij van nevenproject over gastoptreden naar toevallige collaboratie. Mauro is een wolf in duizend schaapsvachten, een schizofrene hydra, een banketbakker met ambities.

Gisterdag stond hij met NieuwZwart Trio te Stuk. De twee andere derdes van dat triumviraat zijn Elko Blijweert en Jeroen Stevens. Meneer Blijweert is een meestermuzikant die al te vaak gedienstig in de schaduw staat. Hij verdiende zijn sporen bij Front 242 en een slordige half miljoen groepjes van zijn broodheer Rudy Trouvé. Als Elko zijn eigen goesting doet, pleegt hij fucked up jazz in Franco Saint De Bakker. Drummer Jeroen Stevens stamt uit I Love Sarah maar duikt ook op in projecten als I H8 Camera en Pawlowski.

Als die overvloed van namen u doet duizelen, lieve lezer, gelieve dan nog even door te bijten. Het voorprogramma was namelijk ook een clash van mannen met een verleden: the Rott Childs. De twee gitaristen komen uit het legendarische Limburgse speedrockcombo El Guapo Stuntteam. (Een andere afsplitsing van dat team, the Sore Losers scoorde zondag verdiend de zilveren medaille op Humo’s Rock Rally.)

The Rott Childs bestaat verder uit een bassist met veel krullen die wel eens een mopje meespeelt bij het eerder vermelde Pawlowski. Dan is er nog een ronduit angstaanjagende drummer die meer tatouages heeft dan een ter dood veroordeelde.
Word on the street is dat hij een verleden heeft bij Officer Jones & His Patrol Car Problems. Geweldige naam is dat. Niemand komt van nergens en uiteindelijk maakt het niet uit wat die knakkers op voorhand hebben uitgestoken. Hoe klonk dat gisterdag? The Rott Childs speelde überstrakke trashrock tot mijn knieën week werden en mijn ruggengraat pudding. Achteraf had ik een half uur nodig om terug recht te staan.

Blijft over: NieuwZwart Trio zelf. NieuwZwart was een dansvoorstelling van Wim Vandekeybus die de heren Pawlowski, Blijweert en Stevens vorig jaar van muziek voorzagen. Te Stuk kwam enkel de muziek aan bod en dat was fucking weird. Er werd begonnen met een sample die klonk als een klaarkomende straathond en de volgende drie kwartier waren compleet van de gekken. Van liedjes was geen sprake, gezongen werd er nauwelijks. Dit was één grote broeierige soundscape, binnenstebuitengekeerde postrock bij wijze van spreken.

Jeroen drumde zich in het zweet. Mauro behield zijn eeuwige cool. Elko had genoeg effectpedalen om een volwassen tapdanser uit te putten en showde merkwaardige ninjamoves. Een dik half uur verveelde ik mij niet, daarna zakte het in. Categorieën als goed en slecht doen niet ter zake, dit soort optredens noemt men eufemistisch een ervaring. Hopelijk doet meneer Pawlowski volgende keer mijn hoofd ontploffen met toegankelijker muziek.

Labels: ,