zaterdag 23 april 2011

Geef me een drijfveer, iets dat me opwindt

Toen ik op Goede Vrijdag naar huis kuierde na het optreden van the Herfsts in het Stukcafé stootte ik op reisinstructies. Over drie uur zal ik in Eindhoven zijn. Over drie jaar zal ik niet in Eindhoven zijn.

Ondanks hun silly groepsnaam gooien the Herfsts sinds kort hoge ogen in Leuven. Ik kwam hen drie jaar geleden al eens tegen. Als ik terugdenk aan die ontmoeting dan is dat in negatieve termen: een rommelige groepje met te veel leden en te weinig richting.

Als ik terugkijk wat ik toen schreef dan lees ik toch iets anders: "Three axe attack die de zaak deed ontploffen. Geweldige sound. Zeven man op het podium waarvan een tweetal teveel. De drummer droeg geen t-shirt! Rock & roll! Best wel goede groepsnaam ook."

Was ik toen milder en vandaag cynischer? Of heeft de schimmel, die mijn brein tot mos herleiden zal, toegeslagen?

Op Goede Vrijdag deden the Herfsts het Stukcafé niet ontploffen. Slechts een van de zeven groepsleden was er te veel aan. De drummer droeg wel een t-shirt.

Achteraf legde de dj Smile van Lilly Allen op. Drie jaar geleden was alles wat uit haar mondje rolde evangelie voor mij. Zal ze over drie uur in Eindhoven op mij wachten? Zal ze over drie jaar elders op mij wachten?

Labels: ,

vrijdag 22 april 2011

Arendsoog maar voor volwassenen

Voor secretaressedag kreeg ik een mixtape, appeljenever en herenliefde. Straks moet ik op de AA uitleggen waarom ik nog steeds moeizaam zit.

Op Uitgelezen lulden mensen oever- en richtingloos over literatuur. De presentatrice vond alles fantastisch. Ik kreeg zin om weg te lopen en mij op te sluiten met een goed boek.

Tussendoor zong Hannelore Bedert liedjes. Ik kreeg zin om weg te lopen en mij op te sluiten met Harvest van Neil Young.

"Niet alles is perfect. Maar dat deert niet zolang popmuziek bestaat," schreef iemand en ik las het.

Verder was het een aangename dag, vol maar niet druk. Ik dronk koffie en ik deed de was. Ik at brood en schaakte met Jelle. Ik deed alsof ik verloor en ik won. Jelle kreeg een woedeaanval en leek even op zijn neef Kadhafi.

Wat zou Kadhafi zijn secretaresse gegeven hebben?

Labels: , , , ,

maandag 18 april 2011

Oklahoma is een musical over Texas

Zaterdag heb ik gelijk een koster in een korte broek het festivalseizoen boven het doopvont gehouden. De naam van het spel was Once Upon A Festival in Laarne niet zo ver van Gent. Dat klinkt als een film van Sergio Leone maar op geen enkel podium verzorgde Ennio Morricone de muziek. Een gemiste kans if there ever was one.

Bij het betreden van het terrein ging mijn spider-sense af: dit was een hippiebedoening! Ik meldde het meteen aan GW, mijn gids, contactpersoon en toeverlaat in Gent en omstreken. Zijn laconiek antwoord luidde: "Ik ben een hippiebedoening, poëzie is een hippiebedoening, liefde is een hippiebedoening, het is tijd dat gij inziet dat gij een hippie zijt."

Op een hippiefestival mag veel zo niet alles. Dat wilde zeggen dat Warre Borgmans zou voorlezen uit zijn favoriete literatuur maar liever vertelde over zijn nonkel Jos uit Schoten, die in de oorlog Schoten heeft bevrijd.

Een podium verder ranselde het langharig werkschuwe duo Oka Vanga achtereenvolgens Django Reinhardt en Metallica uit hun akoestische gitaren. Respect! Les Yeux D'La Tête bouwde vervolgens een feestje met zigeunerwereldfolk zoals alleen Fransozen dat kunnen. Leuk voor een half uurtje.

Ik was heel benieuwd naar The Kilimanjaro Darkjazz Ensemble omdat elk combo dat zichzelf als doomjazz omschrijft mij nieuwsgierig maakt. Traag, sloom, slopend, episch, filmisch, gelijke delen jazz en postrock. Enorm indrukwekkend maar na een kwartier enorm saai. Ik zie dit gezelschap graag terug in betere omstandigheden.

Dan toch liever Jan De Wilde, de man die nervositeit heeft omgekeerd tot charisma. Met zijn oude kompanen van Prima La Musica bracht hij me net geen tien liederen lang op één lijn met mijn vijftienjarige zelf. Those were the days. Dat ik eerst een lap Grieg van Prima La Musica sans Jan De Wilde moest ondergaan, nam ik er gaarne bij.

Wallace Vanborn bracht degelijke stevige rock. Volop headbangen geblazen al was het maar om de oprukkende koude te weerstaan. In de auto viel ik in slaap en de dag nadien stuurde ik een boos mailtje naar de organisatie. Mijn moeder heeft mij niet voor niets opgevoed tot een kritische consument.

Labels: ,

zondag 17 april 2011

Leave all my records to the guys



Het gelaat van Bent Van Looy wordt thans gesierd door een knevel gelijk dat van Adolf Hitler. Bent Van Looy is een schilder die bekender is in een ander vakgebied net zoals Adolf Hitler. Verder heeft Das Pop natuurlijk weinig van doen met het fascisme. Laat ons het optreden van het viertal in de AB afgelopen vrijdag eerder bekijken als een film noir.

Het verhaal gaat als volgt: een schip vergaat op de Stille Oceaan. De enige vier overlevenden zitten vast op een onbewoond eiland. Ze kunnen elkaar niet luchten maar moeten samenwerken om niet dood te gaan van honger, uitdroging of waanzin.

Met Bent Van Looy als Jimmy Maxwell, een gentleman-oplichter, een playboy met een duistere ziel. Terwijl hij een aangebrande bak in je rechteroor fluistert, rolt hij langs links je portefeuille.

Met Reinhard Vanbergen als Boris Ivanovitsj Trotstakko, een fossiel uit het Rusland van lang geleden. In eigen land is hij niet meer welkom. In eigen kluis is hij zlotymiljonair. Hij is nooit over de dood van de tsaar heengeraakt.

Met Niek Meul als Skip, de kapitein van het vergane schip. Het was niet de eerste keer dat hij een schuit verloor, het zal de laatste ook niet zijn. Hij heeft al te veel gehoord en gezien om vrolijk door het leven te kuieren. Hij doet zijn job uit een ongefundeerd soort plichtsbesef.

Met Matt Eccles als Blocks, de stille outsider. Niemand weet wat hij op het schip deed. Niemand weet wat hij op het eiland doet. Heelder dagen gaat hij kokosnoten te lijf met een roestige machete. Zal de nacht dat hij ook schedels klieft lang op zich laten wachten?

Een retestrakke rollercoaster van een film! Vol onverwachte plotwendingen! Met een finale die harder knalt dan tien ton vuurwerk! Binnenkort in een zaal dicht bij u!

Kleine Zus haar eerste oordeel over The game: "Wat een gekke muziek!" Kleine Zus haar tweede oordeel over The game: "Wat een leuke muziek!"

Laat ons het er op houden dat ik zelf ook niet meteen overtuigd was door de Humoplaat van Das Pop. Laat ons daar wel aan toevoegen dat het optreden van vrijdag alle twijfels heeft verpulverd.

Blijft over: het voorprogramma, een kortfilm genaamd SX. Alles eraan lonkte naar de jaren tachtig: de synths, de danspasjes maar bovenal het spuuglelijke broekpak van de blonde frontjuffrouw. Het zou gans oneerlijk zijn het trio daar op af te rekenen. Laat ons dat dan vooral maar doen.

Of zoals Mark Eyskens zei: "Kledij is niet essentieel maar vestimentaire verloedering is een symptoom voor intellectuele verloedering. Als je kijkt naar dit land, kan je na zeven maanden onderhandelen niets anders vaststellen dan dat die verloedering in een ver gevorderd stadium is."

Dinsdag 26 april geeft SX een concert in het Vlaams parlement. U moest uw leeuwenvlag al aan het strijken zijn.

Labels: , , ,

donderdag 14 april 2011

Dagen die haasje over spelen

Het enige verschil tussen de Brabantse Pijl (woensdag voor mijn kot) en de Wijchmaalse kermiskoers is dat Rodania sponsort in plaats van Bakkerij Agten.

Het enige verschil tussen Eli “Paperboy” Reed (dinsdag in Het Depot) en Otis Redding is dat de laatste een fout vliegtuig nam jaren voor ik geboren zou worden.

De eerste honderd dagen van het huidige jaar heb ik elke dag een gedichtje geschreven. Zondag eindigde fase één. Nu volgt het wikken, het wegen, het schrappen, het polijsten van de ruwe woorden (woensdag op de bus). Volgende regels kreeg ik niet over mijn hart volledig te deleten ook al zijn ze ronduit onbruikbaar.

sinds onze botsing op de brusselse binnenring
huil je steeds als ik bij je binnendring
ook al hou je van het geweld
ook al betaal ik je met geld
je hebt veel te hoge verwachtingen
van mijn schaarse verkrachtingen

Labels: , ,

dinsdag 12 april 2011

You like to remain mysterious but your dream is to be understood

Zaterdag trachtte ik voor het eerst in een maand het thuisfront te bezoeken. Een man bezette mijn uitzicht op onze gemeenschappelijke bus. Groot en mager, zwart kostuum. Het jasje kraagloos maar met veel knopen, allemaal gesloten. Vanboven kwamen slechts de knoop van zijn das - zwart en rood gestreept - en een flard hemd - grijs met witte en fluogroene flitsen - piepen. De kostuumbroek was genaaid in het kruis. Om zijn polsen droeg hij telkens twee armbanden met pinnen, een metalhead in het weekend. Op het hoofd een zwart petje met een gouden tekening van the Invincible Iron Man, de klep omhoog. 's Mans baardgroei was een voorzichtig streepje van zijn rechteroor naar beneden en na de kin terug omhoog. De oren ongehavend op de eeuwige uiteinden na van een mp3-speler die zich verstopt had in het borstzakje van zijn jasje. Als enige bagage een grote winkeltas met een kiwi op. Hij stapte af aan de halte Houthalen Gemeentehuis en wandelde weg in noordelijke richting.

Labels:

maandag 11 april 2011

It was good what we did yesterday

Een poging tot eenakter.

Personages:
  • Geert Simonis: Een onverzorgde man.
  • De Innerlijke Criticus: Een dubbelganger van Geert Simonis maar met duivelshoorns, een duivelstaart en een drietand.

Doek opent.
Beiden op.
Geert Simonis neemt het woord en richt zich tot het publiek.

Geert Simonis: Ik ben bang van de waarheid maar ik lieg niet graag. Ik probeer zo veel mogelijk ongezegd te laten. Ik omhels de onduidelijkheid. Als iemand mij vraagt waarom ik zesentwintig ben en mijn hoogste diploma een kandidatuur in Geschiedenis is, zeg ik iets ontwijkend over dwaalsporen en omwegen. Alsof het niet mijn schuld is maar die van de NMBS.

Geert Simonis laat een stilte vallen.
De Innerlijke Criticus begint zich te ergeren.

Geert Simonis: Ergens is het vanaf dag één misgelopen. Mijn eerste jaar universiteit was ik gebuisd in juni. De examens verkeerd ingeschat. Ook in augustus was ik gebuisd. De herexamens verkeerd ingeschat. Dat ik toen niet naar Pukkelpop ging vond ik al een hele opoffering. Dat ik toen had moeten blokken in plaats van Pukkelpop te volgen via de radio besefte ik niet.

Geert Simonis laat een tweede, kortere stilte vallen.
De Innerlijke Criticus begint zich op te winden.

Geert Simonis: Ik heb twee duidelijke herinneringen daaraan. The Spooks die hun Karma hotel aanlengen met een scheut Rapper's delight. Damien Rice die zijn The blower's daughter laat overgaan in Creep.
De Innerlijke Criticus: Geert, jongen, heb je een secondje?
Geert Simonis: Natuurlijk, meneer. Wat is er?
De Innerlijke Criticus: Je hebt dit al verteld.
Geert Simonis: Over mijn mislukte studiecarrière?
De Innerlijke Criticus: Misschien. Maar die lullige Pukkelpopanekdote sowieso wel.
Geert Simonis: Wat is er lullig aan, meneer?
De Innerlijke Criticus: Je plakt twee willekeurige feiten aan elkaar om een diepere betekenis te suggereren.
Geert Simonis: Als ik net die twee details heb onthouden, zijn ze toch niet willekeurig?
De Innerlijke Criticus: Wat er blijft hangen aan het vergiet en wat er verdwijnt door de gaten, is toeval. En los van het onthouden: het maakt toch niet uit of artiest X lied Y covert of niet?
Geert Simonis: Het zegt iets over hun invloeden en evolutie, meneer
De Innerlijke Criticus: Ik vermoed dat Spooks niet de enige rapgroep is, die beïnvloed werd door Sugarhill Gang. Zoals Damien Rice niet de enige zeiker met een gitaar is, die door Radiohead in gang is getrapt.

Geert Simonis kucht bevestigend.

De Innerlijke Criticus: Waarom wilde je die lullige Pukkelpopanekdote een tweede keer vertellen?
Geert Simonis: Ik ben donderdag naar Josh Ritter in Het Depot geweest.
De Innerlijke Criticus: Stond ook op die Pukkelpop?
Geert Simonis: Neen, deed voorprogramma van Damien Rice in de AB later dat jaar.
De Innerlijke Criticus: Sjiek is mich da. Nogal vergezocht, toch?
Geert Simonis: Vergezocht maar niet onlogisch. Bovendien heeft Josh ook enkele covers gespeeld zodat dat motief later in het verhaal zou terugkomen.
De Innerlijke Criticus: Welke?
Geert Simonis: Pale blue eyes van the Velvet Underground en Once in a lifetime van Talking Heads.
De Innerlijke Criticus: Tofkens?
Geert Simonis: Nogal. Als de beste liederen van de set covers zijn, heb je een probleem als muzikant.
De Innerijke Criticus: Nog zoiets dat je alleen maar zegt om jezelf interessant te maken. Het zou toch een veel groter probleem zijn als iemand nummers covert die slechter zijn dan zijn eigen materiaal?
Geert Simonis: Zoals Travis die Britney Spears coveren?
De Innerlijke Criticus: Probeer je nu zelf advocaat van de duivel te spelen?
Geert Simonis: Het spijt me, meneer.
De Innerlijke Criticus: Bon, ik neem aan dat je je praatje over Josh Ritter zou afsluiten met een opmerking die terugverwijst naar je studieproblemen.
Geert Simonis: Idealiter wel maar ik vind niet direct een link.
De Innerlijke Criticus: En gij noemt u zelf schrijver?
Geert Simonis: Bij gebrek aan betere term.
De Innerlijke Criticus: Zoudt gij niet beter een diploma halen en deftig werk zoeken?
Geert Simonis: Ja, meneer.

Beiden af.
Doek sluit.

Labels: , , , ,

woensdag 6 april 2011

We can hold hands till the sun goes down

Ooit vereiste een scriptie een ooggetuige van de Tweede Wereldoorlog. Ik dus naar de buurman. In de oorlog had hij een klein fortuin verdiend op de zwarte markt. Allemaal kwijtgeraakt bij de bevrijding. Oorlogsgeld moest worden ingeleverd in ruil voor degelijke Belgische franken. Wat je terugkreeg stond niet in verhouding met wat je had ingeleverd maar met de grootte van je gezin. De buurman had maar één zoon en dus pech.

De vrouw van de buurman was de hele tijd stille getuige van de uitleg van haar man. In het bejaardenequivalent van een kinderstoel zat ze stevig ingesnoerd met doodsprentjes te spelen. Drie jaar later was ze zelf een doodsprentje.

Dat ik het aanhaal omdat ik gisterdag naar Buurman ben gaan kijken in Het Depot is geen toeval. Dat het gezelschap de ukelele bovenhaalde voor Rocky en Middellandse Zee op de dag dat De Standaard de comeback van de ukelele had gepredikt, is wel toeval. Ik kreeg het warm nog koud van Buurman. Dat lag niet aan het weer.

"Een mindere versie van Yevgueni met een betere stem," aldus Mokkel over Buurman. Kunnen we afspreken dat zij vanaf nu altijd de conclusies van mijn stukjes zal spookschrijven?

Labels: , , ,

dinsdag 5 april 2011

She talks to all the servants about man and God and law

Gisterdag struikelde ik midden in een sofistische dialoog over "pijnstillers". Stijn Pillers kwam eruit. Zou een goede naam zijn voor een Flandrien. Maar dit is geen stukje over wielrennen. Ik heb niet naar de Ronde gekeken. Ik heb niet naar De Ronde gekeken.

Gisterdag zag ik twee meisjes tongworstelen op het Hogeschoolplein. Twee andere meisjes legden alles vast voor het nageslacht, eentje met een fototoestel, de ander met een gsm. Twee uur later bespraken drie mevrouwen op Gasthuisberg iets te luidop hoe bij een van hen een eierstok zou worden verwijderd. Kennelijk gebeurt zoiets onder volledige narcose. Maar dit is geen stukje over meisjes en mevrouwen.

Vorig academiejaar ben ik onder de vleugels van San F. Yezerskiy en Joke Schauvliege uitgegroeid tot een gewaardeerd toneelkenner. Die reputatie heeft mij een plek opgeleverd in de jury van het grootste Leuvense theaterfestival. Sinds een week of twee schuim ik toneelstukken af als versgetapte pinten. With great power comes great responsibility: tot de prijsuitreiking ben ik aan zwijgen gebonden.

Groot was mijn opluchting toen ik gisterdag naar een ander toneelstuk mocht. Eentje waar ik wel over mag filibusteren. Dit is een stukje over verademen.

Het verhaal gaat als volgt: de heren van het Campustoneel en de jongens van het Lemmensinstituut slaan de handen in elkaar voor Mamma Medejazz. Een in de hemel gemaakte match. Is Tom Lanoye's Mamma Medea immers geen eigentijdse herkauwing van verhalen en motieven uit de klassieke oudheid? Is een van de basisprincipes van de jazz niet verhalen en motieven uit de tijd van toen nieuw leven in te blazen op saxofoon, trompet of ander koper?

(Ik heb Mamma Medea destijds gekocht in de Delhaize van Neerpelt. Zo gaat dat als je opgroeit in Limburg. Maar dit is geen stukje over vroeger.)

Ik had graag gezien dat de jazz meer vervlochten was met het spel. Nu was het entr'acte, geen ruggengraat. Ik had graag gezien dat het stuk een half uurtje korter was geweest. Ik had graag gezien dat enige bijrollen beter waren ingevuld. Vergis u niet: ik heb Mamma Medejazz graag gezien. Vooral de verdienste van Heleen Annemans, one hell of a Medea.

Reeds in het eerste kwartier drukten twee dames de lippen op elkaar als was het Lemmensinstituut in werkelijkheid het Hogeschoolplein. Misschien is dit toch een stukje over meisjes en mevrouwen.

Labels: , ,

maandag 4 april 2011

Somewhere safer where the feeling stays

Zaterdagmiddag werd ik door Big Nasty J. geïdentificeerd als hipster aan de hand van wat De Standaard schreef.

Zaterdagavond werd ik in de Brusselse Beursschouwburg opgewonden door the Thermals aan de hand van wat ze uit hun wapens ranselden. Een wervelwind op zes benen. Iets eerder werd ik beurtelings geïrriteerd en geïntrigeerd door voorprogramma the Coathangers. Vier multitaskende vrouwen die ik niet in mijn bed zou willen tegenkomen. Het meeste schrik had ik van de drumster.

Zaterdagnacht werd ik in datzelfde bed geïdentificeerd als doodmoe aan de hand van hoe mijn voeten strompelden.

Labels: , ,

zondag 3 april 2011

Boeken lezen & films kijken heeft beide zo z'n voordelen

Filmplezier de afgelopen maand:
  • The kids are all right (2010) van Lisa Cholodenko
  • Somewhere (2011) van Sophia Coppola
  • Sound of noise (2010) van Ola Simonsson & Johannes Stjärne Nilsson
  • Adventureland (2009) van Greg Mottola
  • Shutter island (2010) van Martin Scorsese
  • Duts (2010) van Herwig Ilegems & Bart Meuleman
Leesplezier de afgelopen maand:
  • Dirk op vakantie (2010) van Sébastien Conard
  • All my friends are dead (2010) van Avery Monsen & John Jory

Labels: ,

zaterdag 2 april 2011

Nergens is een goede plek om af te spreken

De pleinen van het dorp dat ik mijn thuishaven pleeg te noemen, zijn van hoek tot kier gevuld met mensen die hun eigen ding doen. Daadkrachtige individuen die weten wat ze willen en hoe ze dat moeten bereiken. Übermenschen, hun lot in hun eigen hand.

Ik behoor niet tot die categorie. Ik ben een volgzame slak, een passieve jakhals. Ik doe andermans ding. Mijn natuurlijke aanleg voor meeloperij heeft mij afgelopen week een reeks fijne concertjes opgeleverd. Met dank aan De Grote Programmator In De Hemel.
Zaterdag 26/03, AB
Mogwai. Het schorremorrie, het falderappes, het geteisem, het tuig, het gebroed, het gespuis, het uitschot, het uitvaagsel, het gajes, het rapaille, het schorem: iedereen zou dansen voor deze Schotten en iedereen heeft gedanst op deze anderhalf uur durende orgie van wit licht, witte hitte en prachtig lawaai.
Maandag 28/03, AB
Kwatongen beweren dat Aloe Blacc een slap afkooksel van soul produceert. Kwatongen beseffen niet half hoe ernstig de situatie is. De man verwerkte ook scheutjes zwakke reggae en minderwaardige salsa in zijn set. Blijft over: ik vind I need a dollar oprecht een leuk lied. Door het tien minuten te laten aanslepen mepte Aloe er echter alle spankracht uit.

's Mans voorprogramma was Maya Jupiter, een Australisch meisje met Turkse en Mexicaanse roots. Zij kookte een uiterst vermoeiende pot politiek correcte rap. Hoogstwaarschijnlijk zal ze er enorme successen mee oogsten op een Couleur Café near you. Honderd meter van de AB ranselde een straatmuzikant Lambada uit zijn viool. Ik heb de man geen dollar gegeven, ik heb er nog altijd spijt van.
Dinsdag 29/03, Ladeuzeplein
De linkse dames en heren gaven een feestje om onze nationale schande aan te klagen. Links stond een vrachtwagen bij wijze van podium, rechts werden frietjes uitgedeeld, overal was propaganda. Ik pikte Tubelight mee, u weet wel: de groep van de zoon van Guy Swinnen. Duistere lagen noisy rock netjes in toom gehouden door een heerlijk ruwe stem. Denk aan the Jesus & Mary Chain in een passionele bui.
Woensdag 30/03, Botanique
De vieze smaak die Aloe Blacc had achtergelaten in mijn mond werd vakkundig weggespoeld door het monsterverbond Dan Le Sac Vs Scroobius Pip. Zonder nieuwe plaat trekt het duo Europa rond. Daardoor zweefde het spook van herhaling - euhm - herhaaldelijk door de zaal. Anderzijds bezorgde de gebalde, voorprogrammaloze avond me een uppercut van jewelste. Guns, bitches en bling maken geen deel uit van de vier elementen der hiphop. Dan Le Sac en Scroobius Pip gelukkig wel.

Soms word ik zo moe van mezelf dat ik elk mogelijk middagdutje onmiddellijk in de armen sluit. Gelukkig lig ik daar niet van wakker.

Labels: ,

vrijdag 1 april 2011

Things the grandchildren shouldn't know

Gisterdag bezocht ik voor het eerst de tijdelijke locatie van Het Depot, een zweethut op de Capucijnenvoer. Yevgueni speelde er liedjes uit zijn recente vierde plaat maar ook uit hun minder recente eerste drie platen. Laat ons duidelijk zijn: Welkenraedt is geen Berlin, geen New York en geen Berchem. Verder heb ik alle sympathie ter wereld voor Klaas en co.

Drieëntwintig maanden geleden, ten tijde van We zijn hier nu toch, zag ik het gezelschap voor het eerst in de echte, oude zaal van Het Depot. Ik kwam er een meisje tegen dat ik een drietal weken later met Mokkel mocht aanspreken. Vandaag is ze mij nog steeds niet beu. Maandag gaan we babbelen met iemand die ons tips gaat fixen over samenwonen. Ik hoop bovenal dat ik nog jarenlang optredens van Yevgueni mag afschuimen met haar.

Labels: ,